3.1 Algemeen
Het pensioenfonds is opgericht op 1 juli 1990 en statutair gevestigd in Amsterdam. Het pensioenfonds is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel in Amsterdam onder nummer 41209638. De laatste statutenwijziging vond plaats op 12 december 2024. Het pensioenfonds is aangesloten bij de Pensioenfederatie.
3.1.1 Missie, visie en strategie
Periodiek wordt op basis van een interne en externe analyse gekeken of de Missie, Visie en Strategie van het pensioenfonds nog up-to-date zijn en worden deze, waar nodig, bijgesteld. In het najaar van 2021 is een aantal strategische sessies onder begeleiding van een externe partij gehouden waarna de Missie en Visie zijn geactualiseerd en de Strategie tot en met 2027 (‘Roadmap’) is opgesteld.
Missie – waar staan we voor?
Beveiligers beschermen elkaar via het pensioenfonds tegen financiële risico’s van ouderdom en overlijden. Die bescherming is er ook bij langdurige ziekte omdat de pensioenopbouw wordt voortgezet. Het pensioenfonds is een fonds waar beveiligers zich thuis voelen: beveiligers, en zij die dat waren, weten dat hun belangen evenwichtig worden gewogen. We waken over de pensioenen van beveiligers, zoals sociale partners dat met ons hebben afgesproken.
Visie – waar gaan we voor?
Het pensioenfonds is herkenbaar, service gericht, kostenbewust en heeft oog voor de omgeving. Die houding past bij de branche en de mensen die daarin werken. Het veilig beheren en laten groeien van de opgebouwde pensioenen staat voorop. We geven inzicht in de opgebouwde- en te bereiken pensioenen, zijn behulpzaam op de momenten die ertoe doen, handelen voorspelbaar en nemen alleen verantwoorde risico’s.
Strategie
Het pensioenfondsbestuur stelde op 15 december 2021 de strategie voor de periode 2022 – 2027 vast. De eindrapportage met betrekking tot het afgeronde strategietraject is door het bestuur vertaald in de respectievelijke Jaarplannen waar de portefeuilles verantwoordelijkheid voor dragen. Jaarlijks vertaalt het bestuur de strategie in de jaarplannen voor het daaropvolgende jaar. Het bestuur neemt ook de ‘Early warning signals’, die kunnen duiden op een mogelijk gewenste strategiewijziging, mee in de jaarlijks op te stellen bestuurlijke agenda. In 2024 heeft het bestuur vastgesteld dat op basis van de 'Early warning signals' geen noodzaak bestaat om af te wijken van de eerder bepaalde strategie.
3.1.2 Het bestuur
Het bestuur is verantwoordelijk voor de realisatie van de doelstelling van het pensioenfonds, de strategie en (de uitvoering van) het beleid. De samenstelling van het uitvoerend bestuur in 2024 is als volgt:
| Naam | Rol | Zittingstermijn |
|---|---|---|
| De heer mr. P. Priester (geboortejaar 1964) |
Bestuurslid | Van 01-07-2022 tot 01-07-2029 |
| Mevrouw ir. E.M.C. Eelens MBA FRM CAIA (geboortejaar 1981) |
Bestuurslid | Van 10-07-2018 tot 10-07-2030 |
De samenstelling van het niet-uitvoerend bestuur (NUB) in 2024 is als volgt:
| Naam | Rol | Zittingstermijn |
|---|---|---|
| De heer drs. J.C.A. Kestens (geboortejaar 1950) |
Voorzitter | Van 01-07-2022 tot 01-07-2024 |
| De heer dr. U. Kock (geboortejaar 1970) |
Voorzitter | Van 01-07-2024 tot 01-07-2028 |
Het bestuur heeft met behulp van een externe partij een opvolger benoemd voor de heer Kestens per 1 juli 2024. Per genoemde datum heeft de heer Udo Kock de rol van onafhankelijk voorzitter van het fonds op zich genomen.
Benoemd namens de werkgevers
| Naam | Rol | Zittingstermijn |
|---|---|---|
| De heer drs. R.J. de Vries (geboortejaar 1968) |
Bestuurslid | Van 25-08-2016 tot 25-08-2028 |
| De heer L.R. van Gelder (geboortejaar 1984) |
Bestuurslid | Van 14-07-2021 tot 14-07-2025 |
| Mevrouw drs. E.A. Simons (geboortejaar 1973) |
Bestuurslid | Van 27-06-2024 tot 27-06-2028 |
De heer Verbrugge is per 1 oktober 2023 gestopt met zijn werkzaamheden voor het fonds. De Nederlandse Veiligheidsbranche heeft mevrouw Evelyne Simons als zijn vervanger voorgedragen. Het bestuur heeft deze voordracht getoetst en heeft mevrouw Simons benoemd. DNB heeft akkoord gegeven op deze benoeming zodat mevrouw Simons vanaf 27 juni 2024 als bestuurder functioneert.
Benoemd namens de actieven
| Naam | Rol | Zittingstermijn |
|---|---|---|
| De heer C.A. van Loon (geboortejaar 1953) |
Bestuurslid | van 01-07-2020 tot 01-07-2024 |
| De heer ir. W.J. Boot (geboortejaar 1957) |
Bestuurslid | van 28-12-2017 tot 5-3-2024 |
| De heer drs. M.W. van Rossum (geboortejaar 1994) |
Bestuurslid | Van 02-05-2024 tot 02-05-2028 |
| De heer D. Schut RA (geboortejaar 1973) |
Bestuurslid | Van 01-07-2024 tot 01-07-2028 |
De heer Boot heeft aangegeven dat hij in verband met zijn pensionering aftreedt op 6 maart 2024. Zijn opvolger, de heer Martin van Rossum is per 2 mei 2024 benoemd en door DNB goedgekeurd.
Het bestuurslid de heer Chris van Loon is per 1 juli 2024 afgetreden. De gezamenlijke vakbonden hebben de heer Donald Schut als zijn vervanger voorgedragen. Het bestuur heeft deze voordracht getoetst en heeft de heer Schut benoemd. DNB heeft een akkoord gegeven op deze benoeming zodat de heer Schut vanaf 1 juli 2024 als bestuurder functioneert.
Benoemd namens de pensioengerechtigden
| Naam | Rol | Zittingstermijn |
|---|---|---|
| Mevrouw E.R. Schuring (geboortejaar 1970) |
Bestuurslid | Van 11-07-2022 tot 11-07-2026 |
In het bestuur was een vacature namens de werkgevers. De NVB heeft een kandidaat voorgedragen en per 27 juni 2024 is mevrouw Evelyne Simons benoemd als bestuurder en is een akkoord van DNB ontvangen. Op 25 augustus 2024 liep de tweede zittingstermijn van de heer Robin de Vries af als bestuurder namens de werkgevers. Het bestuur heeft de wens geuit richting de voordragende partij, de NVB, dat het bestuur nogmaals de heer De Vries wenste te benoemen. De Code Pensioenfondsen 2024 schrijft voor dat in beginsel een bestuurder tweemaal een zittingsperiode kan vervullen van 4 jaren. Als het fonds kan toelichten waarom een derde periode noodzakelijk wordt bevonden kan hiervan gemotiveerd worden afgeweken. Het fonds acht de kennis en de ervaring van de heer De Vries gezien de vele wisselingen in 2024 in het bestuur, onmisbaar. Zeker gezien het feit dat de heer De Vries ook deel uitmaakt van de bestuurlijke regiegroep Wtp. Mede op verzoek van het fonds heeft de NVB nogmaals de heer De Vries voorgedragen. Het bestuur heeft hem benoemd en DNB is akkoord gegaan met deze herbenoeming. In 2025 en 2026 lopen de zittingstermijnen van de uitvoerende bestuurders Evalinde Eelens en Peter Priester af. Het bestuur heeft besloten tot herbenoeming van de uitvoerende bestuursleden, hoewel dit in afwijking is van de Code Pensioenfondsen. Het bestuur vindt het belangrijk dat een ervaren uitvoerend bestuur in 2026 en daarna in staat is de implementatie van de nieuwe solidaire regeling uit te voeren. Het huidige uitvoerend bestuur is dusdanig sterk betrokken bij de voorgenomen plannen dat het niet raadzaam is om nu tot vervanging over te gaan. Het bestuur heeft de herbenoeming ingediend bij DNB en de toezichthouder is begin 2025 akkoord gegaan met herbenoeming van de beide uitvoerende bestuurders.
Het bestuur streeft naar diversificatie van leeftijd en geslacht. Bij de voordracht en/of de benoeming zijn diversiteit in de samenstelling naar leeftijd en geslacht en complementariteit in geschiktheid belangrijke uitgangspunten. De norm uit de Code Pensioenfondsen inzake diversiteit van het bestuur is dat in het bestuur en het verantwoordingsorgaan ten minste één lid onder de 40 jaar zitting neemt. In het verantwoordingsorgaan wordt niet aan deze norm voldaan.
Het bestuur hanteert daarbij steeds de geldende geschiktheidseisen ten aanzien van leden van fondsorganen en leeft deze na.
Op 31 december 2024 is er een bestuurder jonger dan 40 jaar. In het bestuur hebben drie vrouwen zitting. In het verantwoordingsorgaan heeft geen vrouw zitting.
Bij vacatures geeft het bestuur bij voordragende partijen aan dat het bestuur streeft naar diversiteit en dat het bestuur vraagt of de voordragende partijen hier bij de voordracht aandacht aan willen schenken.
3.1.3 Organen, portefeuilles en gerelateerde partijen
Verantwoordingsorgaan
Het verantwoordingsorgaan bestaat uit vijf leden: drie namens de deelnemers (actieven), één namens de pensioengerechtigden, één namens de werkgevers. De toetredingsdatum en de datum waarop het lidmaatschap van een lid eindigt zijn opgenomen in een rooster van aftreden. Het verantwoordingsorgaan is op 31 december 2024 als volgt samengesteld:
| Naam | Benoemd namens |
|---|---|
| De heer H.A. Dijksterhuis (geboortejaar 1975) |
Werkgevers (voorzitter) |
| De heer M. Dost (geboortejaar 1964) |
Deelnemers |
| De heer M.L.E. Zeegers (geboortejaar 1968) |
Deelnemers |
| De heer M. de Groot (geboortejaar 1976) |
Pensioengerechtigden |
| De heer A. Hoogendoorn (geboortejaar 1960) |
Deelnemers |
Portefeuilles binnen het bestuursmodel
Het pensioenfonds stelt zich ten doel conform pensioenreglement en statuten de pensioenregeling uit te voeren die geldt voor werkgevers, werknemers, gewezen werknemers en hun nabestaanden in de bedrijfstak. Het bestuur heeft op basis van de opdrachtaanvaarding doelstellingen, risicohouding en beleidsuitgangspunten geformuleerd. Voor het zo optimaal mogelijk nastreven van de doelstellingen hanteert het pensioenfonds met ingang van 1 juli 2014 het Omgekeerd Gemengd Bestuursmodel. In 2018 is dit model geëvalueerd en met ingang van 1 januari 2019 concreter ingevuld door de Portefeuillestructuur toe passen, waarmee de tot dan toe opererende commissies kwamen te vervallen.
Binnen het governancemodel worden vier specifieke portefeuilles gehanteerd. Dit zijn de portefeuilles:
- Balansmanagement (vermogensbeheer & actuarieel/verslaglegging);
- Risk & Compliance;
- Pensioenzaken & Communicatie;
- Governance.
De portefeuilles overleggen minimaal viermaal in een jaar. In de portefeuille overleggen participeren 1 uitvoerend bestuurder, cq. de onafhankelijk voorzitter en 2 niet-uitvoerende bestuurders. Waar wenselijk participeren externe onafhankelijke adviseurs in de portefeuille.
De portefeuilles hebben een duidelijk afgebakend mandaat dat is vastgelegd in jaarplannen, de beleidsbepalende beslissingen worden door het bestuur genomen (in de bestuursvergaderingen). Dit houdt in dat alle informatie en voorstellen vanuit een bepaalde portefeuille uiteindelijk op het hoogste aggregatieniveau worden besproken en dat beleid wordt vastgesteld tijdens een bestuursvergadering. Hierin vindt consultatie plaats tussen de niet-uitvoerende en de uitvoerende bestuurders.
De voorbereiding van de bespreking binnen het bestuur vindt plaats via de portefeuilles, via het overleg tussen de uitvoerend bestuurders onderling of het overleg tussen de uitvoerend bestuurders en de voorzitter of via het niet-uitvoerend bestuur.
Partijen
| Pensioenbeheer | Bestuursondersteuning | |
| TKP Pensioen B.V. | Montae & Partners B.V. | |
| Postbus 501 | Verrijn Stuartlaan 1F | |
| 9700 AM Groningen | 2288 EK Rijswijk | |
| Custodian en beleggingsadministrateur | Fiduciair Manager | |
| Caceis Investor Services | Columbia Threadneedle Investments | |
| Postbus 24001 | Postbus 75471 | |
| 1000 DB Amsterdam | 1070 AL Amsterdam | |
| Beleggingsadviseur | Compliance officer | |
| Drs. H.A. Kempen | Mr. H. Pullen | |
| Kempen Management & Consultancy B.V. | Maatschap Trivu | |
| Jacob van Lenneplaan 53 | Akkerwendestraat 7 | |
| 3743 AP Baarn | 4761 ZG Zevenbergen | |
| Adviserend actuaris | Adviseur SFDR | |
| B. Weijers, AAG | Drs. R. Hadders | |
| Willis Towers Watson Netherlands B.V. | Cardano | |
| Prof. E.M. Meijerslaan 5 | Weena 690 - 21e etage | |
| 1183 AV Amstelveen | 3012 CN Rotterdam | |
| Certificerend actuaris | Accountant | |
| ir M.W. Heemskerk AAG | Drs. J.A. van Muijlwijk-Duijzer, RA | |
| Mercer (Nederland) B.V. | Forvis Mazars Accountants N.V. | |
| Startbaan 6 | Eurogate II - Watermanweg 80 | |
| 1185 XR Amstelveen | 3067 GG Rotterdam |
3.2 Bestuursaangelegenheden
3.2.1 Zelfevaluatie
In 2024 ondernam het bestuur verschillende activiteiten om het bestuurlijk functioneren verder te verbeteren. Er heeft een collectieve bestuurssessie plaatsgevonden op 17 september 2024, waarin verdere verbetering van de onderlinge samenwerking centraal stond. Deze sessie werd voorbereid door vooraf input van bestuursleden te verzamelen,welke collectief werd besproken. Het doel was het team-functioneren naar een nog hoger niveau te brengen. Deze sessie vond plaats onder begeleiding van een externe partij.
Daarnaast evalueerde het bestuur als afsluiting van iedere bestuurvergadering het verloop en de onderlinge interactie van die bestuursvergaderingen. Ook de individuele gesprekken die de voorzitter in 2024 met de bestuursleden voerde, vormden input voor verbetering van de onderlinge samenwerking.
Het bestuur houdt jaarlijks een zelfevaluatie, minimaal eens in de drie jaar onder externe begeleiding. Het bestuur zal in de toekomst verder werken aan het ontwikkelen en op peil houden van haar bestuurskracht. Ook zal er structureel aandacht zijn voor permanente educatie.
3.2.2 Intern toezicht (Verslag niet-uitvoerend bestuur)
Intern toezicht
De bijdrage van het niet-uitvoerend bestuur aan het jaarverslag van 2024 heeft tot doel verantwoording af te leggen over het intern toezicht zoals is vastgelegd in de artikelen 103 lid 4, 101a lid 4 en 104 lid 2 van de Pensioenwet. Het niet-uitvoerend bestuur heeft tot taak toezicht te houden op het beleid van het bestuur en op de algemene gang van zaken in het pensioenfonds. Het niet-uitvoerend bestuur is ten minste belast met het toezien op adequate risicobeheersing en evenwichtige belangenafweging door het bestuur en legt verantwoording af over de uitvoering van de taken en de uitoefening van de bevoegdheden aan het verantwoordingsorgaan en sociale partners en in het bestuursverslag. Het niet-uitvoerend bestuur staat het bestuur waarvan zij zelf deel uitmaakt met raad ter zijde.
Werkwijze en thema’s
Gedurende het verslagjaar is gewerkt met portefeuilles en portefeuillehouders binnen het niet-uitvoerend bestuur, toegespitst op de volgende beleidsgebieden:
- Governance;
- Risk & Compliance;
- Balansmanagement;
- Pensioenzaken & Communicatie.
Ondanks dat er sprake is van een portefeuilleverdeling met aandachtsgebieden, houdt het gehele niet-uitvoerend bestuur toezicht op alle beleidsgebieden.
Het niet-uitvoerend bestuur heeft toezicht gehouden vanuit verschillende invalshoeken:
- Besturing en bestuurskracht, governance
- Bedrijfsvoering
- Het beleid van het fonds
Het volledige verslag intern toezicht is te downloaden via de website van het pensioenfonds. Het niet-uitvoerend bestuur streeft naar continue verbetering. Hierna volgen daarom voor dit bestuursverslag samengevat de bevindingen van de door het niet-uitvoerend bestuur getoetste toezichtgebieden. Aan deze punten werkte het bestuur nadrukkelijk in 2024.
Besturing en bestuurskracht, governance
Bevindingen en Oordeel:
In 2024 vonden er veel wijzigingen plaats in het bestuur, waaronder de aanstelling van drie nieuwe niet-uitvoerende bestuurders en een nieuwe voorzitter. Het bestuur heeft diverse acties ondernomen om de integratie van nieuwe bestuurders te bevorderen, zoals inwerkprogramma's en teambuilding. De bestuursvergaderingen werden goed voorbereid en de besluitvorming was van hoge kwaliteit. Ondanks de druk van de Wet toekomst pensioenen (Wtp) functioneerde het bestuur effectief en georganiseerd. Er is echter aandacht nodig voor de balans tussen ervaren en nieuwe bestuursleden en de binding met de beveiligingssector.
Het NUB waardeert de daadkracht van het Uitvoerend Bestuur, vooral gezien de uitdagingen van de Wtp-implementatie. De nieuwe bestuurders zijn goed geïntegreerd en er is een open cultuur waarin feedback constructief wordt gegeven. De bestuursvergaderingen zijn goed voorbereid en de besluitvorming is van hoog niveau. De aandacht voor operationele details in de Wtp-implementatie was noodzakelijk, maar het is belangrijk om nu weer ruimte te maken voor strategische overwegingen.
Aanbevelingen:
- Bewaak het evenwicht tussen operationele en strategische taken.
- Besteed structureel aandacht aan de ontwikkeling van kennis en vaardigheden van het bestuur, blijft ‘countervailing’ power doorontwikkelen.
- Zorg voor een tijdige en beeldvormende discussie in het bestuur.
Bedrijfsvoering
Bevindingen en Oordeel:
Het risicomanagement van het fonds is positief beoordeeld, zowel algemeen als specifiek voor balansmanagement en actuarieel. Het uitbestedingsbeleid is effectief, vooral tijdens de Wtp-transitie. De datakwaliteit en informatiebeveiliging zijn goed beheerd, en de implementatie van DORA is in gang gezet, hoewel er nog uitdagingen zijn met uitbestedingspartners.
Het NUB heeft vastgesteld dat het bestuur zorgt voor een beheerste en integere bedrijfsvoering. Het risicomanagement wordt jaarlijks geëvalueerd en de resultaten worden besproken in bestuursvergaderingen. De toeslagverlening is zorgvuldig afgewogen en het duurzaam beleggen is in lijn met de richtlijnen van De Nederlandse Bank. Het uitbestedingsbeleid is effectief, maar voortdurende aandacht is nodig om ervoor te zorgen dat uitbestede partijen zowel de "change" als de "run" activiteiten goed uitvoeren.
Aanbevelingen:
- Evalueer de strategische uitbestedingspartners na de Wtp-transitie.
- Borg inzicht in ICT-risico’s bij uitbesteding van kritieke diensten.
- Zorg dat het Verantwoordingsorgaan (VO) voldoende wordt meegenomen bij ICT-risico’s en DORA-implementatie.
Het beleid van het fonds
Bevindingen en Oordeel:
Het bestuur heeft een gezonde samenwerking met sociale partners en past de strategie consistent aan de missie van het fonds aan. De focus lag in 2024 sterk op de Wtp, met beperkte beleidswijzigingen. Het NUB waardeert de robuuste voorbereiding en besluitvorming, hoewel soms beleidsvoorstellen nog niet besluitrijp waren.
Het NUB constateert dat de contacten met sociale partners sterk verbeterd zijn en dat er een vruchtbare samenwerking is. De strategie wordt jaarlijks getoetst en aangepast indien nodig. Het jaar 2024 stond in het teken van de Wtp, met beperkte beleidswijzigingen. Het NUB waardeert de robuuste voorbereiding en besluitvorming, maar soms waren beleidsvoorstellen nog niet besluitrijp. Het is belangrijk om het BOB-model (Beeldvorming – Oordeelsvorming – Besluitvorming) kritisch toe te passen.
Aanbevelingen:
- Pas het BOB-model kritischer toe bij beleidsvoorstellen.
- Zorg dat het VO goed wordt meegenomen in de evenwichtigheidsbeoordeling.
- Benoem expliciet in beslisdocumenten of wel of niet sprake is van een evenwichtigheidsvraagstuk.
Naleving Code Pensioenfondsen
Vanaf 1 januari 2024 is er een nieuwe Code Pensioenfondsen van kracht. Een van de nieuwe aanbevelingen in de Code Pensioenfondsen is het verhalend rapporteren over vier normen uit de Code (1, 4, 34, 35). Op 16 april 2024 heeft het bestuur de jaarlijkse toets op de naleving van de bestaande Code Pensioenfondsen besproken en vastgesteld. De constatering op 16 april 2024 was dat het pensioenfonds de Code naleeft, op twee punten na: bij herbenoemingen waarbij sprake is van meer dan twee benoemingstermijnen. Bij de herbenoeming van bestuurslid Robin de Vries is daarvan gemotiveerd afgeweken, daarnaast geldt dat bij het VO nog wordt uitgegaan van benoeming voor onbepaalde tijd. In dit jaarverslag over 2024 wordt over de naleving van deze nieuwe Code gerapporteerd. Het fonds past de principes en normen toe of legt in het jaarverslag uit waarom het fonds afwijkt.
Het NUB nam in 2024 het besluit om de uitvoerende bestuurders voor te dragen voor een derde respectievelijk vierde termijn. Daarmee voldoet het bestuur de komende jaren niet aan principe 37 van de Code Pensioenfondsen over zittingstermijnen. Op basis van een gedegen afweging en daarop gebaseerde motivatie besloot het NUB af te wijken van principe 37 van de Code Pensioenfondsen. De motivatie is dat herbenoeming van de zittende uitvoerend bestuurders een passende maatregel is om continuïteit en stabiliteit binnen het bestuur te waarborgen, in het bijzonder met de Wtp-transitie in het achterhoofd. Beide uitvoerend bestuurders vormen samen een sterk en zeer goed op elkaar ingespeeld team, het in stand houden van deze samenwerking is belangrijk tijdens de Wtp transitie.
Wet toekomst pensioenen
Over het intern toezicht ten aanzien van de implementatie van de Wet toekomst pensioenen (Wtp) heeft het NUB een separaat toezichtsverslag opgesteld.
Het niet uitvoerend bestuur (NUB) heeft in 2024 een positief oordeel gegeven over de voorgenomen bestuursbesluiten met betrekking tot de Wet toekomst pensioenen (Wtp). Het NUB constateerde dat de transitie naar het nieuwe pensioenstelsel zorgvuldig, beheerst en integer verloopt. Er ontstaan geen onevenredige nadelen voor de verschillende groepen deelnemers, en alle belanghebbenden kunnen zich evenwichtig vertegenwoordigd voelen. Het bestuur heeft een Risico Self Assessment uitgevoerd en opvolging gegeven aan de opinies van sleutelfunctiehouders. De risicohouding is vastgesteld en de besluitvorming is compleet en goed onderbouwd. Het NUB waardeert de inspanningen van het bestuur om de datakwaliteit te waarborgen en de IT-migratie te monitoren. Het communicatieplan is tijdig opgesteld en voldoet aan de wettelijke vereisten. Het NUB beveelt aan om scherp toe te zien op de voortgang van de IT-migratie en de evenwichtigheid van de vermogensverdeling bij lagere dekkingsgraden te waarborgen. Over het geheel genomen is het NUB tevreden met de aanpak en uitvoering van de transitie naar het nieuwe pensioenstelsel.
Opvolging eerdere aanbevelingen intern toezicht
Het bestuur heeft de aanbevelingen van het intern toezicht adequaat opgevolgd. Er resteert één actie, dat is de aanbeveling aan het bestuur om na de Wtp transitie naar het nieuwe stelsel – te evalueren of (voor de periode na de transitie de huidige) strategische uitbestedingspartners nog steeds passen bij de dan geldende strategische ambities van het fonds. Deze actie is in het toezichtplan 2025 opgenomen.
3.2.3 Verslag auditcommissie
Conform het omgekeerd gemengd bestuursmodel heeft het bestuur ter ondersteuning van de interne toezichtfunctie een externe auditcommissie ingesteld. In voorjaar 2020 is het reglement van de auditcommissie aangepast om het adviserende karakter van de auditcommissie te verduidelijken (zie jaarverslag 2020). De niet-uitvoerende bestuursleden benoemen en ontslaan de leden van de auditcommissie. In 2024 bestond de auditcommissie uit twee onafhankelijke leden: de heer W.S. Zeverijn en mevrouw E.J.J. Vlastuin.
In het verslagjaar hebben de leden diverse contacten met de voorzitter en de respectievelijke niet-uitvoerende bestuursleden gehad. Ook hebben de leden twee vergaderingen van het niet-uitvoerend bestuur fysiek bijgewoond.
In het verslagjaar hebben de leden het NUB onder andere geadviseerd over:
- de algemene invulling en uitvoering van het intern toezicht
- het toezichtplan 2024 en 2025 van het NUB
- hoe het toezicht vanuit het NUB inzake de transitie naar het nieuwe pensioenstelsel vormgegeven en voor derden aantoonbaar gemaakt kan worden
De leden hebben gemerkt dat het NUB open stond voor deze adviezen en hiermee aantoonbaar aan de slag is gegaan.
De leden hebben ervaren dat het NUB transparant is richting de auditcommissie en de auditcommissie adequaat voorzien heeft van informatie.
3.2.4 Geschiktheid van het bestuur
Het bestuur werkt op basis van een Geschiktheids- en Opleidingsplan aan zijn geschiktheid. In 2024 heeft het bestuur voornamelijk educatie sessies Wet toekomst pensioenen gehouden om de geschiktheid van de bestuursleden, naast individuele opleidingen, mede op peil te houden. Daarnaast hebben bestuurders individueel educatie gevolgd op het gebied van DORA, Risicomanagement en Governance.
3.2.5 Beloningsbeleid
Het bestuur heeft besloten dat het beloningsbeleid jaarlijks wordt geïndexeerd, tenzij het bestuur dit door omstandigheden wenst te heroverwegen. In 2024 werd het beloningsbeleid aangepast, er waren geen zwaarwegende argumenten om niet over te gaan tot indexatie. De hoogte van de vergoeding is met 3,8% geïndexeerd per 1 januari 2024, waarbij het prijsindexcijfer als basis is gehanteerd. Het verantwoordingsorgaan adviseerde een positief ten aanzien van bestuursbesluit tot indexatie.
Het beloningsbeleid is in te zien via de website van het pensioenfonds.
3.2.6 Vergaderdata, studie/beleidsdagen en overige bijeenkomsten
Het bestuur heeft in 2024 zestien keer vergaderd. Acht keer kwam het bestuur bijeen voor een reguliere vergadering, daarnaast vond in september een zelfevaluatie plaats. Zeven vergaderingen zijn specifiek besteed aan de overgang naar het nieuwe pensioencontract. In het kader van de voorbereidingen op de Wtp-transitie is een Bestuurlijke Regie Groep samengesteld, bestaande uit een delegatie van het bestuur, de projectmanager en de ambtelijk bestuurssecretaris, die de bestuursbesluiten in het kader van de transitie voorbereidde. Deze Bestuurlijke Regie Groep kwam in 2024 vijftien keer bij elkaar.
3.2.7 Actuariële en bedrijfstechnische nota
Op 12 december 2024 heeft een update van de Abtn plaatsgevonden naar de situatie van 1 januari 2025. Deze aanpassing behelzen:
- De verplichtstelling is in lijn gebracht met de door het ministerie gepubliceerde tekst;
- Actualisatie parameters/kerncijfers;
- Actualisatie beleggingsbeleid;
- Actualisatie actuariële grondslagen;
- Verklaring inzake beleggingsbeginselen;
- De bezetting van het bestuur is aangepast aan de huidige sutuatie;
- Actualisatie premiebeleid.
3.2.8 Wet- en regelgeving - relevante ontwikkelingen
Wet toekomst pensioenen
Het bestuur heeft in 2024 in samenwerking met alle betrokken partijen intensief aandacht besteed aan de voorbereiding op de transitie in het kader van de Wtp, die aanvankelijk gepland was op 1 januari 2025 plaats te vinden. Na ampel beraad heeft het bestuur besloten deze transitiedatum te verschuiven van 1 januari 2025 naar 1 januari 2026. Deze beslissing is mede ingegeven door een vertraging in de aanpassing van IT-systemen. Ook heeft het bestuur besloten dat het nemen van meer tijd bijdroeg aan de voorwaarden voor een beheerste en integere transitie. Daarnaast oordeelde het bestuur dat om te kunnen voldoen aan de uitgebreide wensen van de toezichthouders, voor wat betreft de in te dienen documentatie, meer tijd nodig was.
Datakwaliteit
Vanaf 2023 is onder leiding van een bestuurlijk aangestelde projectleider in samenwerking met de pensioenuitvoerder conform het kader datakwaliteit een project optimalisatie van de datakwaliteit opgepakt. De afronding van dit project heeft plaatsgevonden in 2024.
Tekortkomingen in de datakwaliteit zouden kunnen leiden tot foutief vastgestelde pensioenuitkeringen, inefficiënte processen, onjuiste rapportages en extra kosten en daarmee tot financiële schade of reputatieschade. Adequate en aantoonbare beheersing van de datakwaliteit zorgt voor transparantie naar deelnemers en toezichthouders en draagt bij aan een goede reputatie, robuustheid van de pensioenuitvoering, compliance, kostenbeheersing en kan een versneller zijn voor innovatie.
Daarbij was het doel van het bestuur door de focus op de vereiste datakwaliteit bij te dragen aan een beheerste overgang naar het nieuwe pensioenstelsel. In het kader van de overgang naar een nieuw pensioencontract deden sociale partners het verzoek tot invaren vanuit van de reeds opgebouwde pensioenaanspraken en -rechten aan het fondsbestuur. Met het project datakwaliteit is gewerkt aan een belangrijke randvoorwaarde voor het invaren. Optimale datakwaliteit helpt recht te doen aan de reeds opgebouwde aanspraken en rechten en voorkomt mogelijke geschillen met (gewezen) deelnemers en pensioengerechtigden daarover.
Gericht op het geplande moment van invaren werkte en werkt het bestuur gericht aan een 'Get clean' en een 'Stay clean' situatie ten aanzien van de vereiste datakwaliteit. Dit traject verloopt aan de hand van de stappen van het Kader Datakwaliteit dat onder auspiciën van de Pensioenfederatie binnen de sector tot stand is gekomen.
Aanpassing verplichtstelling
Per 1 oktober 2024 is de verplichtstelling aangepast. Vanaf dat moment zijn BVO's en bepaalde stewardorganisaties niet meer verplicht aangesloten. Niet als werkgever wordt aangemerkt
–een vereniging, stichting, naamloze vennootschap of besloten vennootschap, die als lid is toegelaten tot deelneming aan de competities van de sectie betaald voetbal of de sectieamateurvoetbal van de KNVB (hierna: “de Club”) en ten behoeve van de activiteiten van de Club binnen haar organisatie een stewardorganisatie heeft;
–een aan de Club gelieerde onderneming die namens de Club de stewardorganisatie verzorgt uitsluitend ten behoeve van de activiteiten van de Club.
Deze clubs en ondernemingen voeren buiten de activiteiten van de Club geen beveiligings-werkzaamheden uit.
Schijnzelfstandigheid
In het najaar van 2024 heeft de Belastingdienst aangekondigd dat men strenger gaat controleren of een zelfstandige feitelijk niet werkzaam is op basis van een arbeidsovereenkomst. In de Branche zijn veel zelfstandigen werkzaam. Dit kan voor alle betrokkenen consequenties hebben. Het bestuur heeft op de website informatie gepubliceerd. Ook worden werkgevers in de Branche aangeschreven om hun maatregelen te treffen.
3.2.9 Vooruitblik 2025
2025 zal voor het pensioenfonds weer een jaar vol dynamiek zijn. Op basis van het samen met Sociale Partners, op gestelde transitieplan en het Implementatieplan zullen we eind 2025 overgaan naar het nieuwe pensioencontract, dat past binnen de kaders van de Wet toekomst pensioenen. De ambitie en planning is om aan het eind van 2025 de huidige pensioenen ‘in te varen’ in het nieuwe stelsel. Bij de overgang spelen meerdere partijen naast het pensioenfonds een belangrijke rol, zoals TKP (onze uitvoeringsorganisatie) maar ook DNB en de AFM. Het bestuur heeft als leidend beschouwd, het belang dat het hecht aan een beheerste en zorgvuldige overgang.
De druk op het fonds en partijen die ons bij de implementatie helpen, zal niet afnemen, eerder oplopen. Daarbij is onze verwachting dat, ondanks de turbulentie, de Nederlandse politiek, de huidige wetgeving niet zal wijzigen.
In 2025 zal de branche verdergaand inzetten op publiek-private samenwerking in het veiligheidsdomein. Hierdoor wordt de toegevoegde waarde van particuliere beveiliging in het publieke domein nog zichtbaarder, wat de veiligheid dient. Maar ook samenwerking binnen het domein van private veiligheid is een groot goed waarbij onder andere de verdere integratie tussen mensbeveiliging en beveiligingstechniek verder ontwikkeld gaat worden. Dat is ook nodig om een antwoord te vinden op de uitdagingen die er zijn zoals een krappe arbeidsmarkt maar ook de mogelijke invloed van kunstmatige intelligentie op de sector.
Behalve de onzekere situatie in de binnenlandse politiek, brengen ook buitenlandse crises onzekerheid met zich mee. Vooralsnog verwachten wij dat financiële gevolgen beperkt zullen zijn. Ons beleggingsbeleid blijft op de lange termijn gericht.
Ondanks de geschetste ontwikkelingen in het pensioendomein, blijft onze belangrijkste doelstelling de dienstverlening aan onze deelnemers en werkgevers te continueren en waar mogelijk verder te verbeteren.
3.3 Hoofdpunten pensioenregeling
Pensioensysteem
De pensioenregeling is een middelloonregeling gebaseerd op een CDC (collectieve beschikbare premieregeling) waarbij het maximale opbouwpercentage 1,875% bedraagt. Het beschikbare budget is op basis van het premievolume 2018 door sociale partners vastgesteld op 12,3% van de loonsom. Het opbouwpercentage voor 2024 is vastgesteld op 1,84%. Voor 2025 is het opbouwpercentage vastgesteld op 1,66%.
Toetredingsleeftijd
Een werknemer die in dienst is bij een werkgever die is aangesloten bij het pensioenfonds, neemt verplicht deel aan de pensioenregeling. De deelname gaat in op de eerste dag van de maand waarin de werknemer 18 jaar wordt.
Pensioenleeftijd
De pensioenleeftijd in 2024 is 67 jaar. Ondanks dat door de overheid de fiscale pensioenleeftijd in 2018 is verhoogd naar 68 jaar hebben sociale partners de pensioenleeftijd niet gewijzigd.
Belanghebbenden
Het pensioenfonds kent de volgende belanghebbenden:
- actieve deelnemers en arbeidsongeschikten;
- gewezen deelnemers;
- pensioengerechtigden (zowel nabestaanden als wezen);
- werkgevers.
Pensioengrondslag
De grondslag voor het pensioen is een tot een jaarbedrag herleid salaris tot een maximum van € 71.628 (in het jaar 2024) verminderd met een franchise van € 20.938 (in het jaar 2024). Hiermee komt de maximale pensioengrondslag voor 2024 op € 50.690. Onder pensioengevend salaris wordt verstaan het op de datum van vaststelling van de pensioengrondslag voor de deelnemer geldende basissalaris vermeerderd met de daarover berekende vakantietoeslag zoals in het pensioenreglement omschreven.
Opbouwpercentage ouderdomspensioen
Opbouwpercentage ouderdomspensioen
In 2024 wordt 1,84% van de pensioengrondslag opgebouwd aan ouderdomspensioen. In 2023 bedroeg dit opbouwpercentage 1,60%.
Partnerpensioen
Het partnerpensioen bedraagt 70% van het opgebouwde ouderdomspensioen. Dit wordt voor actieve deelnemers en arbeidsongeschikten nog vermeerderd met 70% van het ouderdomspensioen dat zij nog hadden kunnen opbouwen tot de pensioendatum. Voor dit deel van het partnerpensioen wordt uitgegaan van een opbouwpercentage voor het ouderdomspensioen van 1,875%.
Wezenpensioen
Het wezenpensioen bedraagt 14% van het opgebouwde ouderdomspensioen. Dit wordt voor actieve deelnemers en arbeidsongeschikten nog vermeerderd met 14% van het ouderdomspensioen dat zij nog hadden kunnen opbouwen tot de pensioendatum. Voor dit deel van het wezenpensioen wordt uitgegaan van een opbouwpercentage voor het ouderdomspensioen van 1,875%. Het wezenpensioen wordt uitgekeerd tot 18 jaar of tot 27 jaar voor studerende kinderen. Als beide ouders zijn overleden, wordt het wezenpensioen verdubbeld.
Premie
De premie in 2024 bedraagt 26,9% van de pensioengrondslagsom. De aangesloten werkgever is de premie voor de in zijn dienst zijnde deelnemers verschuldigd aan het pensioenfonds. Van de premie komt 40% voor rekening van de deelnemer.
Premievrijstelling
Als een deelnemer een WIA- of WAO-uitkering ontvangt, voorziet het reglement (onder voorwaarden) in een premievrije opbouw. Voor de voortzetting van de pensioenopbouw is over dit inkomensgedeelte geen bijdrage verschuldigd.
In de communicatie over de pensioenregeling wordt nadrukkelijk aandacht besteed aan het beschikbare budget, de daling of stijging van het opbouwpercentage en het risico dat deelnemers lopen in verband met een pensioenopbouw die over de jaren heen fluctueert.
Uitvoeringsreglement
Aangesloten werkgevers zijn naast de bepalingen in het pensioenreglement tevens gebonden aan de bepalingen in het uitvoeringsreglement. In dit reglement zijn onder andere afspraken vastgelegd over:
- De wijze van vaststelling van de premie;
- De betaling van de premie;
- De verplichting tot informatieverstrekking door de werkgever;
- Procedure bij niet nakomen betalingsverplichting.
3.4 Informatie over toezicht door AFM en DNB
AFM
De AFM is als toezichthouder belast met het bevorderen van een zorgvuldige financiële dienstverlening aan consumenten, waaronder het bewaken van de informatie die pensioenfondsen verschaffen ten aanzien van juistheid en begrijpelijkheid.
Contact met de AFM
Er is in 2024 correspondentie met de AFM geweest over de volgende onderwerpen:
- Op 21 maart 2024 ontving het bestuur een brief van de AFM met het verzoek vragen te beantwoorden in het kader van het informatieverzoek opdrachtbevestiging. Het pensioenfonds heeft de AFM hierop laten weten dat de opdrachtbevestiging naar verwachting in oktober 2024 zou worden afgerond
- Op 25 juli 2024 ontving het bestuur een toezichtbrief inzake SFDR. Hierin constateert de AFM dat het fonds ten tijde van de eerdere uitvraag in 2023 (van 2 augustus tot 20 september 2023) niet compliant was met één artikel in de Sustainable Financial Disclosure Regulation (SFDR). Het pensioenfonds heeft hierop geacteerd en heeft ervoor gezorgd dat de constatering van de AFM juist en volledig is opgepakt.
- Op 12 augustus 2024 ontving het fonds het Terugkoppelingsrapport Sectorbeeld pensioenen 2024 ontvangen.
DNB
DNB is als toezichthouder belast met het prudentieel toezicht. Dit toezicht richt zich op de financiële stevigheid van financiële ondernemingen. Doel is bij te dragen aan de stabiliteit van de financiële sector. Het pensioenfonds legt daarom structureel alle wijzigingen in statuten, reglementen, Abtn en de jaarstukken voor aan DNB. Verder informeert het pensioenfonds DNB met de voorgeschreven rapportages periodiek over de financiële situatie van het pensioenfonds.
Er is reguliere correspondentie met de toezichthouder geweest in 2024. Zo ontving het pensioenfonds van DNB verschillende algemene brieven over op dat moment actuele thema’s voor pensioenfondsen. Dit waren onder andere de toezichtthema’s 2024, informatiebeveiliging en publicatie kwartaal- en jaarcijfers op website DNB.
Daarnaast heeft het bestuur intensief en proactief contact gehad en onderhouden met DNB over de transitie als gevolg van de Wet toekomst pensioenen en de voortgang van de voorbereidingen op deze transitie.
Geen sancties AFM of DNB
In 2024 zijn aan het pensioenfonds geen dwangsommen of boetes opgelegd door AFM en/of DNB. Er zijn door DNB geen aanwijzingen aan het pensioenfonds gegeven, noch is een bewindvoerder aangesteld of is bevoegdheidsuitoefening van organen van het pensioenfonds gebonden aan toestemming van DNB.
Onderzoeken vanuit DNB
In 2024 heeft geen fondsspecifiek onderzoek vanuit DNB plaatsgevonden.
3.5 Communicatie
Pensioencommunicatie is belangrijk. Met begrijpelijke, relevante en aantrekkelijke communicatie activeren we deelnemers om in beweging te komen en passende keuzes te maken op het aangewezen moment. Op een laagdrempelige manier bieden we hen de mogelijkheid inzicht te krijgen in hun pensioen én bredere financiële situatie, zodat ze zelf actie kunnen ondernemen wanneer dat nodig is. Het doel is deelnemers zelf de regie nemen over hun pensioensituatie. We bouwen aan een sterke relatie met onze deelnemers zodat zij vertrouwen hebben in en tevreden zijn met het pensioenfonds.
Communicatiebeleidsplan 2023-2025
Uitgangspunt voor de communicatie van het pensioenfonds is het meerjaren communicatiebeleidsplan en een jaarlijks communicatieplan. In verband met de transitie naar de Wtp beslaat het huidige beleidsplan de periode 2024 en 2025.
De twee beleidsdoelen voor deelnemers en werkgevers zijn:
Zelfredzaamheid:
- Onze deelnemers zijn zelfredzaam: ze hebben inzicht in hun pensioen en komen in actie als dat nodig is;
- Onze werkgevers zijn zelfredzaam: zij hebben inzicht in de pensioenregeling en weten wanneer zij of hun werknemers in actie moeten komen.
Relatie:
- Onze deelnemers hebben een sterke relatie met het pensioenfonds;
- Onze werkgevers hebben een sterke relatie met het pensioenfonds.
Deze beleidsdoelen zijn verder geoperationaliseerd in het jaarplan 2024. Met de inzet van alle communicatieacties in 2024 is een bijdrage geleverd aan het behalen van die twee beleidsdoelen.
Nieuw pensioenstelsel
Het pensioenfonds heeft op het vlak van communicatie halverwege het jaar de focus moeten verleggen. Aanvankelijk werd er met gerichte communicatieactiviteiten voorgesorteerd op de Wtp en de transitiedatum van 1 januari 2025. Na het bestuursbesluit om die datum uit te stellen, is op gebied van communicatie besloten de reguliere activiteiten voort te zetten.
In 2024 is gestaag gewerkt aan het verder invullen van het verplichte communicatieplan Wtp. De pensioenuitvoerder TKP is penvoerder van het document. Uitgangspunt voor het plan is de leidraad van de AFM. Het communicatieplan Wtp is in 2024 verder aangevuld en toegespitst op basis van nadere richtlijnen en aanscherpingen van de AFM.
Op de website is de bestaande themapagina ‘Nieuwe pensioenregels’ regelmatig geactualiseerd en aangevuld. Deelnemers en werkgevers worden langs deze weg geïnformeerd over de voortgang van en de veranderingen door het nieuwe pensioenstelsel.
Ten behoeve van de Wtp is een 0-meting onder de deelnemers uitgevoerd. Hiermee is inzicht verkregen in het kennisniveau van deelnemers over de nieuwe regels. Ook besteedde het fonds aandacht aan de komst van het nieuwe pensioenstelsel, onder meer in nieuwsbrieven, persoonlijke gesprekken, webinars en presentaties aan deelnemers en werkgevers.
Website en portaal
Wij bieden veel informatie via de website aan. Voor de deelnemer wordt na inloggen op het persoonlijke portaal specifiek die informatie getoond, die voor zijn of haar persoonlijke situatie relevant is. Actieven, gewezen deelnemers en pensioengerechtigden hebben rechtstreeks toegang tot hun persoonlijke gegevens, opgebouwde aanspraken en documenten. Via de pensioenplanner kunnen deelnemers zelf eenvoudig online pensioen aanvragen, uitrekenen hoeveel pensioen zij later krijgen, of nagaan wat het betekent als zij eerder met pensioen gaan. Ook kunnen deelnemers hun gegevens controleren en waar nodig aanpassen en aanvullen. Op de website zijn thema-pagina’s gemaakt. Informatie over belangrijke actuele onderwerpen zijn makkelijk te vinden voor deelnemers en we verwijzen deelnemers ernaar via bijvoorbeeld onze nieuwsbrieven.
Naast digitale dienstverlening biedt het pensioenfonds de mogelijkheid van persoonlijk contact, door middel van videogesprekken en telefonisch contact met de front-office. Ook zijn we in 2024 gestart met het selectieproces van de meest geschikte partij die voor het fonds invulling is gaan geven aan keuzebegeleiding.
Dit sluit goed aan op ons beleid om open, betrouwbaar en toegankelijk te zijn, waarbij het verkrijgen van een realistische kijk op de eigen pensioensituatie zo eenvoudig mogelijk wordt gemaakt.
Campagnes
Onze campagnes zijn toegankelijk, begrijpelijk en spitsen zich zoveel mogelijk toe op de fase waarin de werkgever of deelnemer zich bevindt. We bieden relevante informatie op het juiste moment in een aansprekende vormgeving. We activeren op deze manier deelnemers (eventueel via de werkgever) om meer inzicht te krijgen in hun pensioensituatie en de mogelijkheden die de pensioenregeling biedt.
In 2024 waren de belangrijkste campagnes:
- Verkort jaarverslag - we stuurden een digitale mailing naar deelnemers waarvan een e-mailadres bekend is met een link naar het verkort jaarverslag 2023 op de website.
- Videogesprekken - ieder kwartaal nodigden we deelnemers van 55 jaar en ouder uit om gebruik te maken van het aanbod van een persoonlijk gesprek met een pensioenconsulent.
- Pensioen en uw partner - in een mailing met een infographic legden we uit hoe het partnerpensioen is geregeld in verschillende situaties, en wat deelnemers zelf kunnen doen om dit goed te regelen.
- Pensioen3daagse - we volgden in onze communicatie het landelijke thema van de Pensioen3daagse. In een digitale mailing wezen we deelnemers op het totaaloverzicht van hun pensioen en AOW op mijnpensioenoverzicht.nl.
- Campagne e-mailadressen verzamelen - we willen zoveel mogelijk deelnemers op een laagdrempelige, kostenefficiënte manier bereiken. Daarom nodigen we deelnemers uit om hun e-mailadres te registreren.
Naast bovenstaande specifieke campagnes zetten we ieder kwartaal digitale nieuwsbrieven in waarin we inzoomen op actualiteiten, ontwikkelingen rondom het nieuwe pensioenstelsel, het verhogen van de pensioenen, etc. Een van de nieuwsbrieven in 2024 was een themamailing over maatschappelijk verantwoord beleggen. De nieuwsbrieven versturen we naar al onze doelgroepen: actieve en gewezen deelnemers, pensioengerechtigden, werkgevers en hun administratiekantoren.
In gesprek met deelnemers en werkgevers
Om op te halen wat er leeft bij deelnemers en werkgevers, en om te onderzoeken of onze communicatiemiddelen aansluiten bij de behoeftes van onze doelgroepen, gaan we graag met hen het gesprek aan. Ook in 2024 hebben we dat georganiseerd in de vorm van panels voor zowel werkgevers als deelnemers. Daarnaast organiseerden we twee landelijke bijeenkomsten specifiek voor deelnemers vanaf 55 jaar.
Omdat we merkten dat het animo laag was, voor zowel de panels als de bijeenkomsten, is besloten andere wegen te bewandelen om met deelnemers en werkgevers in gesprek te komen. We doen dit bijvoorbeeld door de samenwerking aan te gaan met brancheorganisaties. In 2025 rollen we deze initiatieven verder uit.
Relatiemanager werkgevers
We hebben enkele jaren geleden de relatiemanager werkgevers geïntroduceerd om de binding van het pensioenfonds met de sector en de werkgevers te vergroten. Insteek is om de werkgevers extra aandacht te geven en op te halen wat er bij hen speelt en waar ze behoefte aan hebben. De aandacht en de korte lijnen worden erg gewaardeerd: werkgevers weten de relatiemanager te vinden met hun vragen over pensioen en de pensioenuitvoering. De relatiemanager brengt verslag uit van zijn bevindingen zodat er nog beter kan worden ingespeeld op de behoeftes van werkgevers.
LinkedIn
Met de inzet van LinkedIn willen we de zichtbaarheid van ons pensioenfonds vergroten en de relatie versterken met de werkgevers. We hebben ook in 2024 goede resultaten geboekt met een gestage toename van het aantal volgers en de mate van engagement.
Uitbesteding pensioencommunicatie
Wij hebben de uitvoering van de pensioencommunicatie uitbesteed aan TKP. Het door het bestuur vastgestelde communicatiebeleid is belegd bij de Portefeuille Pensioenzaken & Communicatie, die ook de uitvoering door TKP toetst en goedkeurt. Het bestuursbureau heeft een controlerende rol.
Keuzebegeleiding
In 2024 zijn belangrijke stappen gezet om de keuzebegeleiding van deelnemers verder in te vullen en vorm te geven. Hoewel het fonds reeds compliant was op gebied van keuzebegeleiding, reikt de ambitie van het fonds verder dan de wet vereist. Voor de uitbreiding van deze dienstverlening is gekeken naar externe partijen omdat TKP deze vorm niet kan bieden. 2024 is dan ook het proces doorlopen om te komen tot de selectie van de meest geschikte partij. Eind 2024 is het selectieproces afgerond met de selectie van Prikkl als externe partij. Hierna kon in december 2024 worden overgegaan tot het uitnodigen van de eerste duizend deelnemers van 62 jaar en ouder.
Met deze gratis dienstverlening beoogt het fonds deelnemers vanaf 55 jaar inzicht te geven in hun totale financiële situatie. Na het adviesgesprek weten deelnemers waar zij in financieel opzicht aan toe zijn en welke keuzes ze kunnen maken als het gaat om hun pensioen. In 2025 worden stapsgewijs alle actieve deelnemers van 55 jaar en ouder uitgenodigd voor een persoonlijk gesprek met een financieel planner.
3.6 Goed Pensioenfondsbestuur en Code Pensioenfondsen
Vanaf 2024 is een aangepaste Code Pensioenfondsen 2024 van kracht. Het fonds heeft een jaar de tijd om deze nieuwe code te implementeren. Het bestuur heeft op 16 april de aangepaste Code geïmplementeerd.
Het bestuur heeft geconstateerd dat norm 35: ”Ten aanzien van leeftijdsdiversiteit geldt als minimum dat er tenminste een persoon zitting heeft in het bestuur en het verantwoordingsorgaan of het belanghebbendenorgaan die jonger is dan 40 jaar. Ten aanzien van genderdiversiteit geldt als minimum dat er in de organen variatie is in geslacht of genderidentiteit", niet geheel wordt nageleefd. In het bestuur zitten zowel mensen van boven als van onder de 40 jaar, zoals toegelicht in pararaaf 3.1.2 van het bestuursverslag. In het bestuur zitten drie vrouwen. Eén vrouw is van niet-Nederlandse afkomst. In het VO zit geen vrouw. Er zitten in het verantwoordingsorgaan geen mensen onder de 40 jaar. Het bestuur is van mening dat het bewustzijn inzake diversiteit binnen het bestuur in voldoende mate aanwezig is. Daarnaast wil het bestuur diversiteit binnen de fondsorganen bevorderen. Bij een vacature wordt bij de voordragende en verkiesbare partij het belang van diversiteit onder de aandacht gebracht. De vereiste kwaliteit is een randvoorwaarde.
Ten aanzien van norm 37 "De eerste zittingstermijn van een lid van het bestuur, de raad van toezicht, het belanghebbendenorgaan of verantwoordingsorgaan is maximaal vier jaar. Deze leden kunnen voor een tweede termijn van maximaal vier jaar worden benoemd. Een bestuurslid en een lid van het belanghebbendenorgaan of verantwoordingsorgaan kunnen als daarvoor aanleiding bestaat voor een derde termijn van maximaal vier jaar worden benoemd. In dat geval onderbouwt het bestuur de aanleiding voor een derde benoeming en deelt het bestuur dit met de overige organen. Leden van een visitatiecommissie zijn maximaal acht jaar betrokken bij hetzelfde pensioenfonds. " kan het volgende worden toegelicht. In de statuten is het volgende opgenomen.
De benoeming geschiedt voor vier jaar. Het afgetreden bestuurslid is maximaal een keer herbenoembaar. Indien daar gegronde redenen voor zijn, zulks ter beoordeling door het bestuur, kan een bestuurslid meer dan een keer worden herbenoemd.
Het bestuur heeft in 2024 van deze regeling gebruik gemaakt bij de herbenoeming van een niet-uitvoerend bestuurslid en van twee uitvoerend bestuursleden.
Ondanks het pas-toe-of-leg-uit karakter van de Code Pensioenfondsen zijn er bepalingen die altijd een toelichting veronderstellen. Deze normen worden hieronder genoemd, met een verwijzing naar de toelichting in het jaarverslag.
| Rapportagenorm | Voldoet het pensioenfonds aan de norm? | Vindplaats toelichting jaarverslag of website |
|---|---|---|
| Norm 1 | ||
| Het pensioenfonds heeft een missie, visie en strategie. Daarin beschrijft het pensioenfonds wat het pensioenfonds wil betekenen en bereiken voor zijn belanghebbenden, rekening houdend met hun voorkeuren en belangen. Op deze wijze bepaalt het pensioenfonds wat zijn strategische doelstellingen en beleidsuitgangspunten, waaronder de risicohouding, zijn. Het pensioenfonds evalueert zijn missie, visie en strategie periodiek en rapporteert hierover in zijn bestuursverslag. | Ja | Missie, visie en strategie zijn opgesteld en zijn opgenomen in de ABTN. Het beleid wordt periodiek geëvalueerd en zo nodig herijkt. |
| Norm 4 | ||
| Het pensioenfonds verdiept zich in de voorkeuren van de bij het pensioenfonds betrokken belanghebbenden en betrekt deze voorkeuren bij het bepalen van zijn strategische doelstellingen en beleidsuitgangspunten en gaat daarover met de belanghebbenden in gesprek. Het pensioenfonds rapporteert hierover in het bestuursverslag. | Ja | Het bestuur heeft in het kader van de voorbereiding van de Wtp-transitie een Risicobereidheidsonderzoek gehouden dat is gebruikt als input voor de vaststelling van de risicohouding en het nieuwe strategische beleggingsbeleid. Daarover is met het verantwoordingsorgaan gesproken. Het bestuur beoogt nu dit beleid per 1-1-2025 te implementeren en zal hierover na implementatie verslag doen in onder andere het bestuursverslag. |
| Norm 34 | ||
| Het pensioenfonds heeft een schriftelijk beleid vastgesteld om de diversiteit en inclusie in zijn fondsorganen te vergroten of in stand te houden. Dit beleid stelt passende doelen op ten aanzien van de mate van diversiteit op alle voor het pensioenfonds relevante maatschappelijke aspecten, waaronder tenminste geslacht of genderidentiteit, leeftijd en sociaal-culturele achtergrond. Op basis van dit beleid heeft het pensioenfonds een planmatige aanpak gericht op het bereiken van deze doelen. Het bestuur herijkt dit beleid periodiek en rapporteert in het bestuursverslag over de resultaten van dit beleid. |
Ja | Het bestuur heeft een geschiktheidsplan en een diversiteitsbeleid opgesteld. Het bestuur heeft hierin geen doelen ten aanzien van sociaal-culturele achtergrond. Het bestuur handelt in overeenstemming met het eigen beleid. |
| Rapportagenorm | Voldoet het pensioenfonds aan de norm? | Vindplaats toelichting jaarverslag of website |
|---|---|---|
| Norm 35 | ||
| Ten aanzien van leeftijdsdiversiteit geldt als minimum dat er tenminste een persoon zitting heeft in het bestuur en het verantwoordingsorgaan of het belanghebbendenorgaan die jonger is dan 40 jaar. Ten aanzien van genderdiversiteit geldt als minimum dat er in de organen variatie is in geslacht of genderidentiteit. | nee | Op dit moment voldoet het bestuur aan het diversiteitsbeginsel. Het VO niet. In het VO zit geen vrouw en in het VO zitten geen mensen onder de 40 jaar. Het bewustzijn inzake diversiteit is binnen het bestuur in voldoende mate aanwezig. Het bestuur wil diversiteit bevorderen. De vereiste kwaliteit, aansluiting bij MVS en de beschikbaarheid van kandidaten maken ook onderdeel uit van de keuze voor nieuwe bezetting. |
3.7 Gedragscode en nevenfuncties
3.7.1 Compliance officer
Het pensioenfonds heeft mr. H. Pullen van maatschap Trivu als compliance officer aangesteld. Het bestuur heeft in de bestuursvergaderingen van de rapportages van de compliance officer kennisgenomen. Met de compliance officer vindt tevens op kwartaalbasis afstemming plaats via het overleg UB-Groot.
3.7.2 Naleving gedragscode
De compliance officer organiseert twee keer per jaar een uitvraag inzake de naleving van de Gedragscode van het pensioenfonds. De compliance officer heeft over het jaar 2024 de bevindingen inzake de beoordeling van de naleving van de gedragsregels door de Verbonden Personen aan het bestuur gerapporteerd. Verbonden personen zijn:
- Leden van het bestuur;
- Leden van het verantwoordingsorgaan en de auditcommissie;
- De externe leden van Portefeuille-overleggen en de externe beleggingsadviseur, alsmede leden van overige organen en externe adviseurs die niet onder het voorgaande vallen;
- Bestuursondersteuner(s);
- Sleutelfunctiehouders en sleutelfunctievervullers.
Het bestuur kan andere (groepen van) personen als verbonden persoon aanwijzen. Medewerkers van uitbestedingspartners zijn geen verbonden personen, tenzij deze op basis van bovengenoemde leden 3 en 4 van dit artikel wel als zodanig door het bestuur zijn aangewezen.
In paragraaf 8.1 is het verslag naar aanleiding van de rapportages van de compliance officer opgenomen.
3.7.3 Nevenfuncties
Jaarlijks worden de hoofd- en nevenfuncties van alle Verbonden Personen in kaart gebracht. Nieuwe nevenfuncties moeten door betrokkenen worden gemeld. Bij het aangaan van contracten met derden wordt in kaart gebracht welke mogelijke tegenstrijdige belangen gepaard kunnen gaan met de opgegeven hoofd- en nevenfuncties. Op grond van de Gedragscode is het aanvaarden van alle nevenfuncties onderworpen aan de goedkeuring van het bestuur en dient dit gemeld te worden aan de compliance officer.
In bijlage 12.3 is een overzicht van de nevenfuncties van de bestuursleden opgenomen.
3.8 Gedragslijn Verwerking Persoonsgegevens Pensioenfondsen
De Gedragslijn Verwerking Persoonsgegevens Pensioenfondsen (hierna: de Gedragslijn) is opgesteld door de Pensioenfederatie en heeft een dwingend karakter voor de pensioenfondsen welke als lid zijn aangesloten bij de Pensioenfederatie. Met deze gedragslijn laten pensioenfondsen zien op welke manier zij gegevens van (gewezen) deelnemers, pensioengerechtigden of andere aanspraakgerechtigden beheren. Als lid van de Pensioenfederatie legt Pensioenfonds Particuliere Beveiliging middels dit jaarverslag verantwoording af over de toepassing van de normen uit de gedragslijn gedurende geheel 2024. Voor zover er mogelijk normen niet (volledig) zijn toegepast wordt dit gemotiveerd toegelicht. De toepassing van de Gedragslijn is vastgelegd in alle privacydocumenten. Naleving hiervan is in de (uitbestedings)processen geborgd. De Functionaris Gegevensbescherming van het pensioenfonds ziet hier ook actief op toe.
Daarnaast heeft bij alle kritische uitbestedingspartijen van Pensioenfonds Particuliere Beveiliging die persoonsgegevens verwerken een uitvraag plaatsgevonden naar de naleving van de Gedragslijn. Hierbij is ook gekeken naar de beschikbare assurance rapportages en is gebruik gemaakt van uitvragen en overleggen met de uitbestedingspartijen van het fonds die tevens als verwerker zijn geclassificeerd. Alle uitbestedingspartijen hebben verklaard de normen van de Gedragslijn na te leven, aanvullend op de geldende AVG-normen. Op basis van deze uitkomsten is vastgesteld dat aan de normen van de Gedragslijn is voldaan.
Pensioenfonds Particuliere Beveiliging verklaart zich in 2024 aan de Gedragslijn Verwerking Persoonsgegevens door pensioenfondsen te hebben gehouden.
3.9 Gedragslijn Goed omgaan met klachten
In de 2022 heeft de Pensioenfederatie de gedragslijn “Goed omgaan met klachten” opgesteld. Bij de Pensioenfederatie aangesloten pensioenfondsen dienden per 1 januari 2024 te voldoen aan deze gedragslijn. Het pensioenfonds heeft de huidige klachtenregeling en geschillenregeling vervangen door een nieuwe klachtenregeling die voldoet aan de gedragslijn. Ook heeft het pensioenfonds in samenwerking met de pensioenuitvoerder van het fonds de gedragslijn verder geïmplementeerd binnen de organisatie van het pensioenfonds. Het pensioenfonds wil leren van ingediende klachten. Daartoe worden klachten een vast agendapunt op de portefeuille Pensioenzaken & Communicatie. Het pensioenfonds heeft ook een klachtenbeleid vastgesteld In 2024 heeft de Pensioenfederatie een tweede meting gehouden op naleving van de gedragslijn. Het fonds heeft een score behaald van 87%. Een duidelijke verbetering ten opzichte van 2023. Over de score heeft het uitvoerend bestuurslid Pensioenzaken & Communicatie nog contact gehad met de Stichting het Gouden Oor. Uit dit gesprek kwamen geen significante nieuwe gezichtspunten.
Voor een onderverdeling van het aantal klachten wordt verwezen naar hoofdstuk 4.3.5.
3.10 Statuten
De statuten van het pensioenfonds zijn op 12 december 2024 gewijzigd. De tekst van de aangepaste verplichtstelling moet worden overgenomen. Daarnaast zijn bepalingen vanuit wetgeving Wtp en Code Pensioenfondsen verwerkt en is er regulier onderhoud gepleegd.