3.1 Algemeen
Stichting Bedrijfstakpensioenfonds voor de Particuliere Beveiliging is opgericht op 1 juli 1990 en statutair gevestigd in Amsterdam. Het pensioenfonds is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel in Amsterdam onder nummer 41209638. De laatste statutenwijziging vond plaats op 20 juni 2022. Het pensioenfonds is aangesloten bij de Pensioenfederatie.
3.1.1 Missie en visie en strategie
Periodiek wordt op basis van een interne en externe analyse gekeken of de Missie, Visie en Strategie van het pensioenfonds nog up-to-date zijn en worden deze, waar nodig, bijgesteld. In het najaar van 2021 is een aantal strategische sessies onder begeleiding van een externe partij gehouden waarna de Missie en Visie zijn geactualiseerd en de Strategie tot en met 2027 (‘Roadmap’) is opgesteld.
Missie – waar staan we voor?
Beveiligers beschermen elkaar via het pensioenfonds tegen financiële risico’s van ouderdom en overlijden. Die bescherming is er ook bij langdurige ziekte omdat de pensioenopbouw wordt voortgezet. Pensioenfonds Particuliere Beveiliging is een fonds waar beveiligers zich thuis voelen: beveiligers, en zij die dat waren, weten dat hun belangen evenwichtig worden gewogen. We waken over de pensioenen van beveiligers, zoals sociale partners dat met ons hebben afgesproken.
Visie – waar gaan we voor?
Pensioenfonds voor de Particuliere Beveiliging is herkenbaar, service gericht, kostenbewust en heeft oog voor de omgeving. Die houding past bij de branche en de mensen die daarin werken. Het veilig beheren en laten groeien van de opgebouwde pensioenen staat voorop. We geven inzicht in de opgebouwde- en te bereiken pensioenen, zijn behulpzaam op de momenten die ertoe doen, handelen voorspelbaar en nemen alleen verantwoorde risico’s.
Strategie
Het pensioenfondsbestuur heeft op 15 december 2021 de strategie voor de periode 2022 – 2027 vastgesteld. De eindrapportage met betrekking tot het afgeronde strategietraject is vastgesteld en door het bestuur vertaald in de Jaarplannen voor 2022. Jaarlijks vertaalt het bestuur de strategie vanuit de Roadmap in de jaarplannen voor het daaropvolgende jaar. Het bestuur neemt ook de ‘Early warning signals’, die kunnen duiden op een mogelijk gewenste strategiewijziging, mee in de jaarlijks op te stellen bestuurlijke agenda.
3.1.2 Het bestuur
Het bestuur is verantwoordelijk voor de realisatie van de doelstelling van het pensioenfonds, de strategie en (de uitvoering van) het beleid. De samenstelling van het uitvoerend bestuur in 2022 is als volgt:
| Naam | Rol | Zittingstermijn |
|---|---|---|
| De heer mr. P. Priester (geboortejaar 1964) |
Bestuurslid | Van 01-07-2022 tot 01-07-2026 |
| Mevrouw ir. E.M.C. Eelens FRM CAIA (geboortejaar 1981) |
Bestuurslid | Van 10-07-2022 tot 10-07-2025 |
In 2022 heeft een herbenoeming van de heer Priester en mevrouw Eelens plaatsgevonden. DNB heeft in de melding van herbenoeming geen feiten of omstandigheden gezien die aanleiding gaven tot het opnieuw toetsen van de geschiktheid en/of betrouwbaarheid van deze bestuursleden.
De samenstelling van het niet-uitvoerend bestuur (NUB) in 2022 is als volgt:
| Naam | Rol | Zittingstermijn |
|---|---|---|
| De heer drs. J.C.A. Kestens (geboortejaar 1950) |
Voorzitter | Van 01-07-2022 tot 01-07-2024 |
In 2022 heeft een herbenoeming van de heer Kestens plaatsgevonden. De heer Kestens is voor twee jaar herbenoemd. Op zijn verzoek is deze periode beperkt tot twee jaar. DNB heeft in de melding van herbenoeming geen feiten of omstandigheden gezien die aanleiding geven tot het opnieuw toetsen van de geschiktheid en/of betrouwbaarheid van de heer Kestens. Inmiddels is het bestuur met behulp van een externe partij op zoek naar een opvolger voor de heer Kestens per 1 juli 2024.
Benoemd namens de werkgevers
| Naam | Rol | Zittingstermijn |
|---|---|---|
| De heer drs. R.J. de Vries (geboortejaar 1968) |
Bestuurslid | Van 25-08-2020 tot 25-08-2024 |
| De heer ir. M. Verbrugge (geboortejaar 1968) |
Bestuurslid | Van 15-07-2021 tot 15-07-2025 |
| De heer L.R. van Gelder (geboortejaar 1984) |
Bestuurslid | van 14-07-2021 tot 14-07-2025 |
Benoemd namens de deelnemers
| Naam | Rol | Zittingstermijn |
|---|---|---|
| De heer C.A. van Loon (geboortejaar 1953) |
Bestuurslid | van 01-07-2020 tot 01-07-2024 |
| De heer ir. W.J. Boot (geboortejaar 1957) |
Bestuurslid | van 28-12-2017 tot 28-12-2024 |
De heer Boot en de voordragende partij organisatie hebben aangegeven dat de heer Boot in verband met zijn pensionering aftreedt per 6 maart 2024.
Benoemd namens de pensioengerechtigden
| Naam | Rol | Zittingstermijn |
|---|---|---|
| De heer C. Lonsain (geboortejaar 1957) |
Bestuurslid | Van 01-07-2018 tot 01-07-2022 |
| Mevrouw E.R. Schuring (geboortejaar 1970) |
Bestuurslid | Van 11-07-2022 tot 11-07-2026 |
Op 1 juli 2022 liep de zittingstermijn van de heer Lonsain af. Hij heeft zich herkiesbaar gesteld. Mevrouw E.R. Schuring heeft zich ook kandidaat gesteld. In het voorjaar van 2022 is er onder de pensioengerechtigden een verkiezing gehouden. Mevrouw E.R. Schuring heeft deze verkiezing gewonnen. Haar benoeming is neergelegd bij DNB. DNB heeft geen bezwaar gemaakt tegen haar benoeming.
Het bestuur is de heer Lonsain zeer erkentelijk voor zijn verdiensten aan het pensioenfonds.
De norm uit de Code Pensioenfondsen inzake diversiteit van het bestuur is dat in het bestuur en het verantwoordingsorgaan ten minste één lid onder de 40 jaar zitting neemt. In het verantwoordingsorgaan wordt niet aan deze norm voldaan. Het bestuur streeft naar diversificatie van leeftijd en geslacht. Bij de voordracht en/of de benoeming zijn diversiteit in de samenstelling naar leeftijd en geslacht en complementariteit in geschiktheid belangrijke uitgangspunten. Geschiktheid gaat daarbij vóór diversiteit. In het bestuur is de heer Van Gelder, onder de 40 jaar.
In het bestuur hebben twee vrouwen zitting. In het verantwoordingsorgaan heeft geen vrouw zitting.
Bij vacatures geeft het bestuur bij voordragende partijen aan dat het bestuur streeft naar diversiteit en dat het bestuur vraagt of de voordragende partijen hier bij de voordracht aandacht aan willen schenken.
3.1.3 Organen, portefeuilles en gerelateerde partijen
Verantwoordingsorgaan
Het verantwoordingsorgaan bestaat uit vijf leden: drie namens de deelnemers, één namens de pensioengerechtigden, één namens de werkgevers. Het verantwoordingsorgaan is op 31 december 2022 als volgt samengesteld:
| Naam | Benoemd namens |
|---|---|
| De heer H.A. Dijksterhuis (geboortejaar 1975) |
Werkgevers (voorzitter) |
| De heer M. Dost (geboortejaar 1964) |
Deelnemers |
| De heer M.L.E. Zeegers (geboortejaar 1968) |
Deelnemers |
| De heer M. de Groot (geboortejaar 1976) |
Pensioengerechtigden |
| De heer A. Hoogendoorn (geboortejaar 1960) |
Deelnemers |
Portefeuilles binnen het bestuursmodel
Het pensioenfonds stelt zich ten doel conform pensioenreglement en statuten de pensioenregeling uit te voeren die geldt voor werkgevers, werknemers, gewezen werknemers en hun nabestaanden in de bedrijfstak. Het bestuur heeft op basis van de opdrachtaanvaarding doelstellingen, risicohouding en beleidsuitgangspunten geformuleerd. Voor het zo optimaal mogelijk nastreven van de doelstellingen hanteert het pensioenfonds met ingang van 1 juli 2014 het Omgekeerd Gemengd Bestuursmodel. In 2018 is dit model geëvalueerd en met ingang van 1 januari 2019 concreter ingevuld door de Portefeuillestructuur toe passen, waarmee de tot dan toe opererende commissies kwamen te vervallen.
Binnen het governancemodel worden vier specifieke portefeuilles gehanteerd. Dit zijn de portefeuilles:
- Balansmanagement (vermogensbeheer & actuarieel/verslaglegging);
- Risk & Compliance;
- Pensioenzaken & Communicatie;
- Governance.
De portefeuilles overleggen minimaal viermaal in een jaar. In ieder portefeuilleoverleg participeert steeds 1 uitvoerend bestuurder en participeren 2 niet-uitvoerende bestuurders. Waar wenselijk participeren externe onafhankelijke adviseurs in de portefeuille overleggen.
De portefeuilles hebben een duidelijk afgebakend mandaat dat is vastgelegd in jaarplannen, de beleidsbepalende beslissingen worden door het bestuur genomen (in de bestuursvergaderingen). Dit houdt in dat alle informatie en voorstellen vanuit een bepaalde portefeuille uiteindelijk op het hoogste aggregatieniveau worden besproken en dat beleid wordt vastgesteld tijdens een bestuursvergadering. Hierin vindt consultatie plaats tussen de niet-uitvoerende en de uitvoerende bestuurders.
De voorbereiding van de bespreking binnen het bestuur vindt plaats via de portefeuilles, via het overleg tussen de uitvoerend bestuurders onderling of het overleg tussen de uitvoerend bestuurders en de voorzitter of via het niet-uitvoerend bestuur.
Partijen
| Pensioenbeheer | Bestuursondersteuning | |
| TKP Pensioen B.V. | Montae & Partners B.V. | |
| Postbus 501 | Verrijn Stuartlaan 1F | |
| 9700 AM Groningen | 2288 EK Rijswijk | |
| Custodian en beleggingsadministrateur | Fiduciair Manager | |
| Caceis Investor Services | Columbia Threadneedle Investments | |
| Postbus 24001 | Postbus 75471 | |
| 1000 DB Amsterdam | 1070 AL Amsterdam | |
| Beleggingsadviseur | Compliance officer | |
| Drs. H.A. Kempen | Mr. H. Pullen | |
| Kempen Management & Consultancy B.V. | Maatschap Trivu | |
| Jacob van Lenneplaan 53 | Akkerwendestraat 7 | |
| 3743 AP Baarn | 4761 ZG Zevenbergen | |
| Adviserend actuaris | Accountant | |
| B. Weijers, AAG | Drs. J.A. van Muijlwijk-Duijzer, RA | |
| Willis Towers Watson Netherlands B.V. | Mazars Accountants N.V. | |
| Prof. E.M. Meijerslaan 5 | Eurogate II - Watermanweg 80 | |
| 1183 AV Amstelveen | 3067 GG Rotterdam | |
| Certificerend actuaris | ||
| ir M.W. Heemskerk AAG | ||
| Mercer (Nederland) B.V. | ||
| Startbaan 6 | ||
| 1185 XR Amstelveen |
3.2 Bestuursaangelegenheden
3.2.1 Zelfevaluatie
In 2022 heeft geen collectieve zelfevaluatie plaatsgevonden. Deze zelfevaluatie is doorgeschoven naar 31 januari 2023 en heeft inmiddels onder begeleiding van een externe partij plaatsgevonden. In 2022 heeft de voorzitter wel individuele gesprekken met de bestuursleden gevoerd waarbij het onderwerp “functioneren van het bestuur” op de agenda stond. Resultaten uit deze gesprekken zijn ook input geweest voor de collectieve zelfevaluatie op 31 januari 2023.
3.2.2 Intern toezicht (Verslag niet-uitvoerend bestuur)
Intern toezicht
De bijdrage van het niet-uitvoerend bestuur aan dit jaarverslag heeft tot doel verantwoording af te leggen over het intern toezicht zoals vastgelegd in de artikelen 103 lid 4, 101a lid 4 en 104 lid 2 van de Pensioenwet. De interne toezichttaak kan kortweg als volgt worden samengevat: Het niet-uitvoerend bestuur heeft tot taak toezicht te houden op het beleid van het bestuur en op de algemene gang van zaken in het pensioenfonds. Het niet-uitvoerend bestuur is ten minste belast met het toezien op adequate risicobeheersing en evenwichtige belangenafweging door het bestuur en legt verantwoording af over de uitvoering van de taken en de uitoefening van de bevoegdheden aan het verantwoordingsorgaan en sociale partners en in het bestuursverslag. Het niet-uitvoerend bestuur staat het bestuur waarvan zij zelf deel uitmaakt, met raad ter zijde.
Werkwijze en thema’s
Gedurende het verslagjaar is gewerkt met portefeuillehouders binnen het niet-uitvoerend bestuur:
- Governance;
- Risk & Compliance;
- Balansmanagement;
- Pensioenzaken & Communicatie.
Het niet-uitvoerend bestuur toetst de kwaliteit van het intern toezicht aan de vier principes die het fundament vormen van de toezichtcode van de Vereniging Intern Toezichthouders Pensioensector (VITP):
- De zorg voor het pensioen van de deelnemer is leidend voor het toezichthouden.
- De toezichthouder is zich bewust van zijn verantwoordelijkheid als toezichthouder en gedraagt zich daarnaar.
- Toezichthouders dragen zorg voor hun geschiktheid en de effectiviteit van hun werkzaamheden.
- De toezichthouders leggen verantwoording af over en zijn aanspreekbaar op het gehouden toezicht.
Het niet-uitvoerend bestuur heeft in haar Toezichtverslag 2022 stilgestaan bij een negental thema’s aan de hand van de indeling die de VITP hanteert. In het verslag is per thema benoemd:
a. Waar hebben we toezicht op gehouden (wat hebben we gecheckt)?
b. Welke normen hebben we daarbij gehanteerd (wanneer zijn we tevreden)?
c. Wat zijn onze bevindingen: (waar zijn we tevreden over/is wat we aantroffen oké)?
d. Wat zijn onze bevindingen: (waar liggen we wakker van/moeten we beter begrijpen)?
Het volledige verslag intern toezicht is te downloaden via de website van het pensioenfonds. Het niet-uitvoerend bestuur streeft naar continue verbetering. Hierna volgen daarom voor dit bestuursverslag samengevat de bevindingen van de door het niet-uitvoerend bestuur getoetste toezichtgebieden. Aan deze punten werkt het bestuur nadrukkelijk in 2023.
Het functioneren van de governance
Bevindingen
De governance in het pensioenfonds werkt goed. De rollen van UB, NUB en onafhankelijk voorzitter zijn duidelijk vastgelegd en er wordt ook naar geacteerd. Het pensioenfonds kent een open cultuur waarin bestuursleden elkaar kunnen en durven aanspreken op (professioneel) gedrag. Het bestuur handelt integer. In 2022 werd een themadag gepland waarop o.a. aandacht werd besteed aan samenwerken en teambuilding. Dit onder begeleiding van een externe partij. De rode lijnen uit de "zomerse" gesprekken van de voorzitter met de bestuursleden zijn in het bestuur gerapporteerd. Deze worden meegenomen naar de zelfevaluatie die begin 2023 plaatsvindt.
Aanbevelingen / actiepunten:
- Het NUB adviseert om meer regie te voeren op het opleidingsprogramma van individuele bestuurders. Tevens kan competentiemanagement de basis zijn voor het formuleren van opleidingsplannen van het Bestuur als geheel.
- De governance van het pensioenfonds, in het bijzonder de werking, omvang en wenselijkheid van het omgekeerd gemengd model, is alweer een aantal jaren geleden vastgesteld na geëvalueerd te zijn geweest. Het zou aan te bevelen zijn deze evaluatie periodiek in te plannen.
Het functioneren van het bestuur
Bevindingen
Betrokkenheid en eigen mening zijn voldoende aanwezig. Online vergaderen blijft hierin wel, vooral bij ingewikkelde agendapunten, een belemmering. Slechts een enkel onderwerp had beter voorbereid kunnen zijn. Positief is dat fysiek aanwezig zijn bij vergaderingen weer kan.
Geen aanbevelingen / actiepunten.
Het beleid van het bestuur
Bevindingen
Het NUB heeft vastgesteld dat de beleidslijnen evenwichtig zijn en dat voldoende waarborgen zijn vervat ten aanzien van de zorgvuldigheid in de richting van onze deelnemers. Het beleid ten aanzien van het bedrag Ineens en de keuzebegeleiding zijn volledig in lijn met Missie, Visie en Strategie van het pensioenfonds.
Voor wat betreft de ontwikkelingen rondom Wtp zijn er flinke stappen gezet. Hierbij kan gemeld worden dat er door ondersteuning van een werkgroep van NUB-bers een normenkader is voorgesteld en vastgesteld om evenwichtige belangenbehartiging zo transparant mogelijk te doen. Het activeren van de sociale partners om de voorbereidingen voor Wtp sneller vorm te gaan geven is goed gelukt.
Het tijdspad voor besluitvorming bij o.a. sociale partners is krap. Het NUB beveelt echter aan om na te denken over de vraag of alle mogelijkheden worden gebruikt om het huidige tijdspad te behalen, eventuele uitwijkmogelijkheden in kaart te brengen en als die er niet zijn een plan B uit te werken voor de situatie dat dit tijdpad en daarmee de beoogde transitiedatum niet wordt gehaald.
- Uit het representativiteitsonderzoek bleek dat de toevoeging van afroepkrachten wel tot een fors verlaagde representativiteit heeft geleid. Het bestuur wordt geadviseerd hiernaar nader onderzoek te doen ook in relatie tot de maatschappelijke wens grotere groepen deelnemers (21-minners, ZZP-ers) in pensioenregeling op te nemen.
- Breed was de wens binnen het bestuur dat het nieuwe ‘digitale pensioenfonds voor bestuurders en ondersteuning’ zou worden neergezet. De contouren zijn helder en in 2023 krijgt dit verder invulling.
- Een aandachtspunt blijft de custodian. De custodian eist voortdurend aandacht op vanwege tekortkomingen in operationele performance.
- Bij elke vacature is beleidsmatig één van de eisen, het diversiteitsbeleid van het pensioenfonds.
- Een aandachtspunt is voldoende zelfkritisch blijven.
Algemene gang van zaken in het pensioenfonds inclusief specifiek de financiën
Bevindingen
De organisatiestructuur van het pensioenfonds is duidelijk en adequaat; de rollen zijn helder. In vergaderingen is voldoende aandacht om integere bedrijfsvoering te realiseren. Zo handelt het pensioenfonds in overeenstemming met geldende externe en interne regelgeving. Evaluatiemomenten liggen vast en de evaluatieprocedure is in beleid vastgelegd. De communicatie naar deelnemers en werkgevers vindt minimaal op wettelijk niveau plaats. Een doelmatige besteding van de financiële middelen is geborgd in duidelijke afspraken met de uitvoerder, inbedding in de jaarplannen en continue aandacht in de uitvoering. Transparantie daarin is belangrijk. De vermogensbeheerkosten en de kosten per deelnemer zijn daarbij duidelijke indicatoren die beide in het bestuursverslag genoemd worden en budgettair eveneens nu worden meegenomen.
Geen aanbevelingen / actiepunten.
Het risicomanagement
Bevindingen
Risicomanagement is goed en structureel onder de aandacht. Het is een geïntegreerd onderdeel van alle onderwerpen die het bestuur bespreekt. Input van de sleutelfunctiehouder heeft zijn plek in zowel besluitvorming als vanuit de toezichtrapportages. Deze input wordt ook zichtbaar meegewogen en aanbevelingen opgevolgd (afwijking kan onderbouwd, maar is niet voorgekomen).
Geen aanbevelingen / actiepunten.
De evenwichtige belangenafweging
Bevindingen
De evenwichtige belangenafweging bij de toeslagverlening is constructief en wel doordacht gevoerd. Onder andere met behulp van inzichten op de effecten bij de verschillende maatmensen zowel naar leeftijd als actief, slaper of gepensioneerd. Voor de Wtp (invaren), als ook voor de transitie-FTK, is een evenwichtigheidskader opgesteld. Wij zijn tevreden over hoe dit proces is doorlopen. Het pensioenfonds is goed in staat de belangen van alle deelnemersgroepen evenwichtig af te wegen.
Geen aanbevelingen / actiepunten.
Transparante en begrijpelijke communicatie
Bevindingen
Het pensioenfonds slaagt er goed om met de deelnemer op B1 niveau te communiceren. Als we kijken naar bepaalde detaildocumenten zijn deze soms complexer. Het bestuur heeft, uit oogpunt van kosten er voor gekozen deze documenten niet op B1 taalniveau (eenvoudiger) uit te werken.
Geen aanbevelingen / actiepunten.
Naleving Code Pensioenfondsen
Bevindingen
Het pensioenfonds voldoet niet geheel aan de code pensioenfondsen op het punt van diversiteit hoewel er verbetering zichtbaar is omdat er een 2de vrouw in het bestuur is benoemd. Het bestuur is zich hiervan bewust en er is in het bestuur over gesproken.
Aanbevelingen / actiepunten:
- overweeg bij elke nieuwe benoeming hoe het aspect van diversiteit in de procedure voldoende aandacht krijgt.
Cultuur en gedrag
Bevindingen
De deelnemers aan de verschillende overleggen zijn in voldoende mate betrokken, en hun bijdrage wordt door de anderen respectvol meegenomen in de besluitvorming. Tijdens de evaluatiemomenten aan het einde van de bestuursvergaderingen kon dit iedere keer geconstateerd worden. Er heerst een prettige en open sfeer, waarin een kritische inhoudelijke houding gecombineerd wordt met een goede intermenselijke relatie.
In 2022 was een “samenwerken en teambuilding” themadag georganiseerd onder externe begeleiding en die dag gaf veel ruimte om beter kennis te maken met de persoon achter de bestuursfunctie. Deze sessie heeft zeker bijgedragen aan een verbeterde onderlinge samenwerking.
Geen aanbevelingen / actiepunten.
Opvolging eerdere aanbevelingen intern toezicht
Het bestuur heeft de aanbevelingen van het intern toezicht adequaat opgevolgd. Resterende acties zijn in het toezichtplan 2023 opgenomen.
3.2.3 Verslag auditcommissie
Conform het omgekeerd gemengd bestuursmodel heeft het bestuur ter ondersteuning van de interne toezichtfunctie een externe auditcommissie ingesteld. In voorjaar 2020 is het reglement van de auditcommissie aangepast om het adviserende karakter van de auditcommissie te verduidelijken (zie jaarverslag 2020). De niet-uitvoerende bestuursleden benoemen en ontslaan de leden van de auditcommissie.
In 2022 bestond de auditcommissie uit één onafhankelijk lid: mevrouw S.G. van der Lecq (aandachtsgebied governance). De andere positie (aandachtsgebied vermogensbeheer) was gedurende 2022 vacant.
In het verslagjaar heeft mevrouw Van der Lecq contacten met de voorzitter en de respectievelijke niet-uitvoerende bestuursleden gehad. Vanuit het aandachtsgebied governance is onder andere geadviseerd over:
- Verbeteringen in de verslaglegging over het interne toezicht
- Concretiseren toezichtplannen van de niet-uitvoerend bestuur-portefeuilles
- Doorontwikkeling deskundigheidsbevordering niet-uitvoerend bestuurders.
In najaar 2021 is de auditcommissie meegedeeld dat het bestuur bij DNB een verzoek om dispensatie van de auditcommissie heeft ingediend. In de loop van 2022 is gebleken dat DNB dit verzoek heeft afgewezen, waarna het bestuur de taakopdracht en samenstelling van de auditcommissie opnieuw heeft bezien. In deze context heeft mevrouw Van der Lecq zich niet beschikbaar gesteld voor een tweede benoemingstermijn. Met twee nieuwe leden is de auditcommissie per begin 2023 weer volledig bemenst.
3.2.4 Geschiktheid van het bestuur
In 2022 heeft het bestuur diverse themadagen gehouden om de geschiktheid van de bestuursleden, naast individuele opleidingen, mede op peil te houden. De volgende thema’s zijn collectief besproken:
- Evenwichtige belangenafweging. Als uitgangspunt werd genomen de wettelijke basis en invulling in de Code Pensioenfondsen. Hoe vertaalt zich dit in de praktijk en in de bestuursbesluiten;
- Wet toekomst pensioenen. Het pensioenfonds heeft diverse educatiesessies gehouden over dit onderwerp;
- Datakwaliteit. Welke acties kan het bestuur nemen om tot een optimalisatie te komen van data in de administratie;
- Klimaat & engagement. Welke rol speelt klimaat in de beleggingsportefeuille, waar dient een fonds zich aan te houden en hoe kan een fonds helpen bij klimaatbescherming;
- Het bestuur heeft een oefensessie gehouden in het kader van het Business Continuity Plan (BCP).
3.2.5 Beloningsbeleid
Per 1 januari 2022 is het beloningsbeleid aangepast. De hoogte van de beloning is niet aangepast maar de hoeveelheid gemiddeld te besteden uren voor de onafhankelijk voorzitter en het uitvoerend bestuur is tijdelijk verhoogd. Voor de genoemde tijdsbesteding wordt uitgegaan van een einddatum van de implementatie van de Wet toekomst pensioenen (Wtp). Het verantwoordingsorgaan heeft een positief advies gegeven op het aangepaste beloningsbeleid.
Het beloningsbeleid is in te zien via de website van het pensioenfonds.
3.2.6 Vergaderdata, studie/beleidsdagen en overige bijeenkomsten
Het bestuur heeft in 2022 tien keer vergaderd. Negen keer kwam het bestuur bijeen voor een reguliere vergadering, daarnaast vond in februari een studiedag plaats. Tijdens deze studiedag heeft het bestuur zich bezig gehouden met evenwichtige besluitvorming en competentie teamwerken. Het laatste onderwerp was gericht op het optimaliseren van de bestuurlijke samenwerking. Een aantal bestuursleden heeft individuele opleidingen gevolgd. Het overzicht met deze opleidingen maakt onderdeel uit van het geschiktheidsplan van het pensioenfonds.
3.2.7 Actuariële en bedrijfstechnische nota
Op 16 juni 2022 heeft een update van de Abtn plaatsgevonden In december 2022 is de Abtn van het pensioenfonds meest recentelijk geactualiseerd naar de situatie van 1 januari 2023. Deze aanpassing behelzen:
- De verplichtstelling is in lijn gebracht met de door het ministerie gepubliceerde tekst;
- Actualisatie parameters/kerncijfers;
- Actualisatie beleggingsbeleid;
- Actualisatie uitbestedingsbeleid;
- Actualisatie actuariële grondslagen;
- Bijlage risicobeheersing;
- Mevrouw Schuring is opgenomen als lid van het bestuur namens de pensioengerechtigden;
- Het schema onder ‘Organisatiestructuur’ is verbeterd door het verantwoordingsorgaan toe te voegen;
- Daar waar van toepassing zijn namen van betrokken organisaties geüpdatet;
- De tekst van het toeslagenbeleid is geüpdatet.
3.2.8 Wet- en regelgeving - relevante ontwikkelingen
Implementatie Wet waardeoverdracht klein pensioen
In 2022 is een vertraging ontstaan in de afwerking van waardeoverdrachten kleine pensioenen. De minister van SZW heeft op verzoek uit het pensioenveld een wetswijziging in voorbereid waarbij het niet meer relevant is of een klein pensioen is ontstaan door individuele of collectieve beëindiging, voor de vraag of die automatisch mag worden overgedragen. Bij het opstellen van de planning heeft de Pensioenfederatie er rekening mee gehouden dat deze wetswijziging op 1 januari 2022 van kracht zou worden. Deze datum is niet gehaald. De uiteindelijke inwerkingtreding van het wetsvoorstel is 1 januari 2023 geworden. Om deze reden is de planning aangepast. De afwikkeling vindt pas naar verwachting plaats in de periode mei-december 2023.
Wet toekomst pensioenen
Een zeer belangrijk aandachtspunt voor het bestuur in 2022 en de daaropvolgende jaren is de implementatie van de Wet toekomst pensioenen. Het bestuur heeft gemerkt dat veel op hen afkomt.
Het bestuur heeft stelde 2021 in overleg met sociale partners een projectorganisatie in en – stelde een plan Implementatie Wet toekomst pensioenen op, inclusief vaststelling van het daarbij behorend budget en de benodigde resources (o.a. een externe projectleider) voor de periode 2022 en 2023. Onderdeel van de aanpak is een Bestuurlijke Regiegroep. Het project ressorteert onder de aansturing van de fondsvoorzitter en wordt via de Bestuurlijke Regiegroep bestuurd. Twee niet-uitvoerend bestuurders hebben specifiek dit onderwerp als aandachtsgebied, de Wtp is als belangrijk onderwerp opgenomen in het Intern Toezichtsplan van het niet-uitvoerend bestuur. Alle betrokken stakeholders ontvangen maandelijkse de rapportage van de Bestuurlijke Regiegroep. De bestuurlijke regiegroep is in 2022 met hoge frequentie bijeengekomen en in de bestuursvergaderingen als ook in themasessies heeft het bestuur aan beeldvorming en voorgenomen besluitvorming gedaan.
Het wetgevingstraject verloopt helaas zeer moeizaam tot nu toe. Eind 2022 is het wetsvoorstel door de Tweede Kamer aangenomen. Op het moment van schrijven vindt de behandeling in de Eerste kamer plaats.
Datakwaliteit
In 2022 is in samenwerking met de administrateur van het pensioenfonds gewerkt aan optimalisatie van de datakwaliteit. Er zijn projecten uitgevoerd naar “onvindbare personen”, nog niet afgehandelde echtscheidingen en niet opgevraagde pensioenen. Het bestuur is van mening dat een goede beheersing van data is essentieel is voor het pensioenfonds. Tekortkomingen in de datakwaliteit zouden kunnen leiden tot foutief vastgestelde pensioenuitkeringen, inefficiënte processen, onjuiste rapportages en extra kosten en daarmee tot financiële schade of reputatieschade. Adequate en aantoonbare beheersing van de datakwaliteit zorgt voor transparantie naar deelnemers en toezichthouders en draagt bij aan een goede reputatie, robuustheid van de pensioenuitvoering, compliance, kostenbeheersing en kan een versneller zijn voor innovatie.
Daarbij draagt de focus van het bestuur op de vereiste datakwaliteit ook bij aan een soepele overgang naar het nieuwe pensioenstelsel. Wanneer in de overgang naar een nieuw pensioencontract het verzoek tot invaren vanuit sociale partners van de reeds opgebouwde pensioenaanspraken en -rechten aan het fondsbestuur wordt gedaan, is reeds een belangrijke randvoorwaarde voorbereid. Een optimale datakwaliteit zal helpen mogelijke geschillen met (oud)deelnemers en pensioengerechtigden te voorkomen.
Aanpassing verplichtstelling
Door het bestuur van het pensioenfonds is in 2022 veel tijd en energie besteed aan het aanpassen van de verplichtstelling. Deze aanpassing werd veroorzaakt doordat de particuliere beveiligingssector volop in ontwikkeling is. Enerzijds wijzigt de wijze van beveiligen zich: daarom is verzocht bedrijven met een ‘VTC-vergunning’, de Video Toezicht Centrales, onder werkingssfeer van de verplichtstelling te brengen. Anderzijds is de arbeidsmarkt continu aan verandering onderhevig, ook in de particuliere beveiligingsbranche. Flexibele arbeid voorziet ook in deze branche in een behoefte van zowel de werkgevers als werknemers. Dergelijke ontwikkelingen leidden tot de vraag of er nog onderscheid kan worden gemaakt in de vorm van arbeidsovereenkomsten. Daarom is vanuit het pensioenfonds het verzoek aan sociale partners gedaan om ook degenen die krachtens een afroepcontract kunnen worden opgeroepen voor het verrichten van losse ongeregelde diensten oproepkrachten onder de verplichtstelling te brengen. Op verzoek van sociale partners heeft het bestuur eind juni 2022 een verzoek tot wijziging ingediend bij het ministerie. Het ministerie is akkoord gegaan waardoor ook oproepkrachten vanaf 1 januari 2023 onder de verplichtstelling vallen.
ZZP als deelnemer in de pensioenregeling
Op verzoek van sociale partners en in samenwerking met hen heeft het pensioenfonds beoordeeld of het brengen van ZZP’ers onder de verplichtstelling een haalbare kaart is. Het bestuur heeft na dit onderzoek geconcludeerd dat het op dit moment niet verantwoord is om ZZP’ers onder de verplichtstelling te brengen. Het bestuur adviseert sociale partners om ZZP’ers vooralsnog niet onder de verplichtstelling te brengen.
De eventuele uitvoering van ZZP’ers onder de verplichtstelling zorgt voor een hoog juridisch en uitvoeringstechnisch risico. Het is bij voorbaat niet in te schatten of het pensioenfonds te maken krijgt met juridische procedures. Daarnaast zal het representativiteitscijfer van het pensioenfonds als gevolg van het onder de verplichtstelling brengen van de ZZP’ers zich in de kritische zone gaan begeven. Bovengenoemde knelpunten zorgen voor extra werkzaamheden, hoge kosten en risico’s.
Op dit moment wordt bij de behandeling in de Tweede Kamer van het wetsvoorstel Wet toekomst pensioenen een discussie gevoerd over het opheffen van “witte vlekken” (mensen die werken maar geen pensioen opbouwen). Het bestuur van het pensioenfonds adviseert sociale partners deze discussie af te wachten en aan de hand van het resultaat van deze discussie nader te bezien of er aanvullende stappen kunnen worden genomen.
3.2.9 Vooruitblik 2023
In 2023 zal voor het pensioenfonds op basis van wetgeving en eisen van toezichthouders wederom een stevig jaar worden. Het belangrijkste voor ons is de verdere implementatie van de gevolgen van de Wet toekomst pensioenen.
De keuzes die gemaakt moeten worden zijn op zichzelf ingewikkeld. Sociale partners hebben daarin een bepalende rol, die veel van hen vraagt. Dat geldt ook voor het verantwoordingsorgaan met zijn adviserende rol. Voor het pensioenfonds betekent het dat stakeholders goed gefaciliteerd en ondersteund moeten worden. Bij keuzemogelijkheden hebben sociale partners en het pensioenfonds een gedeelde voorkeur voor standaard oplossingen, waardoor veranderkosten beperkt worden. Op basis van voorbereidingen die in 2021 begonnen, moet het komend jaar het project goed op stoom komen om, volgens planning, in 2025 klaar te zijn.
De particuliere beveiligingssector blijft volop in ontwikkeling. Enerzijds wijzigt de wijze van beveiligen zich: daarom is verzocht bedrijven met een ‘VTC-vergunning’, de Video Toezicht Centrales, onder werkingssfeer van de verplichtstelling te brengen. Anderzijds is de arbeidsmarkt continu aan verandering onderhevig, ook in de particuliere beveiligingsbranche. Flexibele arbeid voorziet ook in deze branche in een behoefte van zowel de werkgevers als werknemers. Dergelijke ontwikkelingen leidden tot de vraag hoe zo goed mogelijk aan te sluiten bij de verschillende vormen van arbeidsovereenkomsten. Daarom is vanuit een gezamenlijk initiatief door sociale partners en het pensioenfonds het verzoek aan sociale partners gedaan om ook degenen die krachtens een afroepcontract kunnen worden opgeroepen voor het verrichten van losse ongeregelde diensten oproepkrachten onder de verplichtstelling te brengen. Sociale partners hebben aan het bestuur bevestigd dat de verplichtstelling zoals hierboven vermeld, wordt aangepast. De aanpassing is 1 januari 2023 geëffectueerd.
De crisis als gevolg van het conflict in de Oekraïne zal onze aandacht houden. Onze verwachting is echter dat de financiële gevolgen beperkt zullen zijn.
Als ieder jaar zal de zich immer uitbreidende wet- en regelgeving weer een stevig beroep doen op ons zogenaamde “governance budget”. Voor een middelgroot pensioenfonds, met relatief sobere regeling, is dat vergelijkenderwijs een zware last.
Ondanks de turbulentie in het pensioendomein, blijft onze belangrijkste doelstelling de dienstverlening aan onze deelnemers en werkgever te continueren en waar mogelijk verder te verbeteren.
3.3 Hoofdpunten pensioenregeling
Pensioensysteem
De pensioenregeling is een middelloonregeling gebaseerd op een CDC (collectieve beschikbare premieregeling) waarbij het maximale opbouwpercentage 1,875% bedraagt. Het beschikbare budget is op basis van het premievolume 2018 door sociale partners vastgesteld op 12,3% van de loonsom. Het opbouwpercentage voor 2022 is vastgesteld op 1,35%, de pensioenpremie bedraagt in 2022 32% van de pensioengrondslag. Voor 2023 is het opbouwpercentage vastgesteld op 1,60%.
Toetredingsleeftijd
Een werknemer die in dienst is bij een werkgever die is aangesloten bij het pensioenfonds, neemt verplicht deel aan de pensioenregeling. De deelname gaat in op de eerste dag van de maand waarin de werknemer 21 jaar wordt. Afroepkrachten zijn uitgesloten van deelname aan de pensioenregeling.
Pensioenleeftijd
De pensioenleeftijd in 2021 is 67 jaar. Ondanks dat door de overheid de fiscale pensioenleeftijd in 2018 is verhoogd naar 68 jaar hebben sociale partners de pensioenleeftijd niet gewijzigd.
Belanghebbenden
Het pensioenfonds kent de volgende belanghebbenden:
- actieven deelnemers en arbeidsongeschikten;
- gewezen deelnemers;
- pensioengerechtigden (zowel nabestaanden als wezen);
- werkgevers.
Pensioengrondslag
De grondslag voor het pensioen is een tot een jaarbedrag herleid salaris tot een maximum van € 59.706 (in het jaar 2022) verminderd met een franchise van € 20.938 (in het jaar 2022). Hiermee komt de maximale pensioengrondslag voor 2022 op € 38.768. Onder pensioengevend salaris wordt verstaan het op de datum van vaststelling van de pensioengrondslag voor de deelnemer geldende basissalaris vermeerderd met de daarover berekende vakantietoeslag zoals in het pensioenreglement omschreven.
Opbouwpercentage ouderdomspensioen
Opbouwpercentage ouderdomspensioen
In 2022 wordt 1,35% van de pensioengrondslag opgebouwd aan ouderdomspensioen.
Partnerpensioen
Het partnerpensioen bedraagt 70% van het opgebouwde ouderdomspensioen. Dit wordt voor deelnemers nog vermeerderd met 70% van het ouderdomspensioen dat zij nog had kunnen opbouwen tot de pensioendatum. Voor dit deel van het partnerpensioen wordt uitgegaan van een opbouwpercentage voor het ouderdomspensioen van 1,875%.
Wezenpensioen
Het wezenpensioen bedraagt 14% van het opgebouwde ouderdomspensioen. Dit wordt voor deelnemers nog vermeerderd met 14% van het ouderdomspensioen dat zij nog hadden kunnen opbouwen tot de pensioendatum. Voor dit deel van het wezenpensioen wordt uitgegaan van een opbouwpercentage voor het ouderdomspensioen van 1,875%. Het wezenpensioen wordt uitgekeerd tot 18 jaar of tot 27 jaar voor studerende kinderen. Als beide ouders zijn overleden, wordt het wezenpensioen verdubbeld.
Premie
De premie in 2022 bedraagt 32% van de pensioengrondslag. De aangesloten werkgever is de premie voor de in zijn dienst zijnde deelnemers verschuldigd aan het pensioenfonds. Van de premie komt 40% voor rekening van de deelnemer.
Premievrijstelling
Als een deelnemer een WIA- of WAO-uitkering ontvangt, voorziet het reglement (onder voorwaarden) in een premievrije opbouw. Voor de voortzetting van de pensioenopbouw is over dit inkomensgedeelte geen bijdrage verschuldigd.
In de communicatie over de pensioenregeling wordt nadrukkelijk aandacht besteed aan het beschikbare budget, de daling of stijging van het opbouwpercentage en het risico dat deelnemers lopen in verband met een pensioenopbouw die over de jaren heen fluctueert.
Uitvoeringsreglement
Aangesloten werkgevers zijn naast de bepalingen in het pensioenreglement tevens gebonden aan de bepalingen in het uitvoeringsreglement. In dit reglement zijn onder andere afspraken vastgelegd over:
- De wijze van vaststelling van de premie.
- De betaling van de premie.
- De verplichting tot informatieverstrekking door de werkgever.
- Procedure bij niet nakomen betalingsverplichting.
3.4 Informatie over toezicht door AFM en DNB
AFM
De AFM is als toezichthouder belast met het bevorderen van een zorgvuldige financiële dienstverlening aan consumenten, waaronder het bewaken van de informatie die pensioenfondsen verschaffen ten aanzien van juistheid en begrijpelijkheid.
Contact met de AFM
Er is in 2022 correspondentie met de AFM geweest over de volgende onderwerpen:
- Op 26 januari 2022 heeft het pensioenfonds van de AFM een brief ontvangen waarin aan het pensioenfonds wordt gevraagd zich aan te melden voor het digitale AFM-portaal.
- Op 10 juni 2022 heeft de AFM het pensioenfonds verzocht de “rapportage SFDR 2022 pensioen” in te dienen.
- Op 3 oktober 2022 heeft de AFM het pensioenfonds een uitvraag gestuurd over tijdelijke toeslagverlening. Het pensioenfonds heeft op 13 oktober geantwoord dat het gebruik heeft gemaakt van de versoepeling in de regelgeving. Daarnaast heeft het pensioenfonds van de AFM algemene informatie ontvangen over de klachtenregeling en communicatie Wet toekomst pensioenen.
DNB
DNB is als toezichthouder belast met het prudentieel toezicht. Dit toezicht richt zich op de financiële stevigheid van financiële ondernemingen. Doel is bij te dragen aan de stabiliteit van de financiële sector. Het pensioenfonds legt daarom structureel alle wijzigingen in statuten, reglementen, Abtn en de jaarstukken voor aan DNB. Verder informeert het pensioenfonds DNB met de voorgeschreven rapportages periodiek over de financiële situatie van het pensioenfonds.
Er is reguliere correspondentie met de toezichthouder geweest in 2022. Zo ontving het pensioenfonds van DNB verschillende algemene brieven over op dat moment actuele thema’s voor pensioenfondsen. Dit waren onder andere de toezichtthema’s 2022, het herstelplan (het pensioenfonds behoefde in 2022 geen herstelplan in te dienen) en de vragenlijst niet-financiële risico’s die door het bestuur tijdig is ingezonden.
Daarnaast heeft het bestuur ook contact gehad met DNB over het verzoek tot ontheffing van een auditcommissie. DNB is hierin niet met het pensioenfonds meegegaan.
Geen sancties AFM of DNB
In 2022 zijn aan het pensioenfonds geen dwangsommen of boetes opgelegd door AFM en/of DNB. Er zijn door DNB geen aanwijzingen aan het pensioenfonds gegeven, noch is een bewindvoerder aangesteld of is bevoegdheidsuitoefening van organen van het pensioenfonds gebonden aan toestemming van DNB.
Onderzoeken vanuit DNB
In 2022 heeft geen fondsspecifiek onderzoek vanuit DNB plaatsgevonden.
3.5 Communicatie
Goede pensioencommunicatie is erg belangrijk. Met goede communicatie helpen we deelnemers om in beweging te komen en gepaste keuzes te maken. We willen ze de juiste inzichten geven, zodat ze zelf actie ondernemen wanneer dat nodig is. Daarom is onze communicatie erop gericht om deelnemers in beweging te krijgen om daarna zelf de regie te kunnen nemen over hun eigen pensioensituatie. We bouwen aan een sterke en goede relatie met onze deelnemers met als doel dat zij vertrouwen hebben in en tevreden zijn over het pensioenfonds.
Communicatiebeleidsplan 2021-2023
De communicatie van Pensioenfonds Particuliere Beveiliging gebeurt op basis van een communicatiebeleidsplan en een jaarlijkse communicatieplan. Wij stellen het beleidsplan telkens voor een periode van drie jaar vast. Het huidige communicatiebeleidsplan is tot en met 2023 vastgesteld.
De twee beleidsdoelen voor deelnemers en werkgevers zijn:
Zelfredzaamheid:
- Onze deelnemers zijn zelfredzaam: ze hebben inzicht in hun pensioen en komen in actie als dat nodig is.
- Onze werkgever (of administratiekantoor) is zelfredzaam: hij heeft inzicht in de pensioenregeling en weet wanneer hij of zijn werknemers in actie moeten komen.
Relatie:
- Onze deelnemers hebben een sterke relatie met Pensioenfonds Particuliere Beveiliging.
- Onze werkgever (of administratiekantoor) heeft een sterke relatie met het pensioenfonds.
Met communicatie dragen wij bij aan het realiseren van bovenstaande beleidsdoelen.
Eind 2021 is naar aanleiding van het herijken van de missie en visie ook de strategische ambitie verder aangescherpt. Deze strategische ambitie is verwerkt in het communicatiejaarplan 2022.
Nieuw pensioenstelsel
In het kader van het nieuwe pensioenstelsel heeft Pensioenfonds Particuliere Beveiliging op haar website een aparte themapagina ‘nieuw pensioenstelsel’ aangemaakt. Deelnemers worden geïnformeerd over de voortgang van en de veranderingen door het nieuwe pensioenstelsel. Verder geeft het uitvoerend bestuurslid Pensioenzaken & Communicatie door middel van een vlog uitleg over het nieuwe stelsel. De themapagina wordt continu geactualiseerd.
Website en portaal
Wij bieden veel informatie via de website aan. Voor de deelnemer wordt na inloggen op het persoonlijke portaal specifiek die informatie getoond die voor zijn of haar persoonlijke situatie relevant is. Actieven, gewezen deelnemers en pensioengerechtigden hebben daarmee rechtstreeks toegang tot hun persoonlijke gegevens, opgebouwde aanspraken en documenten. Via de pensioenplanner kunnen deelnemers zelf eenvoudig online pensioen aanvragen, uitrekenen hoeveel pensioen zij later krijgen, of bijvoorbeeld nagaan wat het betekent als zij eerder met pensioen gaan. Ook kunnen deelnemers hun gegevens controleren en waar nodig aanpassen dan wel aanvullen. Naast digitale dienstverlening biedt het pensioenfonds ook de mogelijkheid om via pensioenconsulenten te worden ondersteund.
Dit sluit goed aan op ons beleid om een open, betrouwbare en toegankelijke organisatie te zijn, waarbij het verkrijgen van een realistische kijk op de pensioensituatie zo eenvoudig mogelijk wordt. Op de website hebben wij specifieke thema-pagina’s gemaakt. Informatie over belangrijke actuele onderwerpen zijn makkelijk te vinden voor deelnemers en we kunnen deelnemers ernaar verwijzen.
Campagnes
Onze campagnes zijn laagdrempelig van aard en zoomen zoveel mogelijk in op de fase waarin de werkgever of deelnemer zich bevindt. Relevante informatie op het juiste moment in een aansprekende vormgeving. We activeren op deze manier deelnemers (eventueel via de werkgever) om meer inzicht te krijgen in hun individuele pensioensituatie en de mogelijkheden die de pensioenregeling biedt. Naast het pensioenregister is het persoonlijk pensioenportaal een belangrijk communicatiemiddel waar een deelnemer zoveel mogelijk op maat wordt bediend. In 2022 waren de belangrijkste campagnes:
- Verkort Jaarverslag
- Videogesprekken
- Pensioen3daagse
- Campagne e-mailadressen verzamelen
- Mijn werknemer gaat met pensioen
Ook dit jaar stelt Pensioenfonds Particuliere Beveiliging naast het Jaarverslag tevens een Verkort Jaarverslag beschikbaar. In deze verkorte versie geeft het pensioenfonds een beeld van de belangrijkste cijfers en feiten van 2022. Doelgroep: werkgevers en deelnemers via website, e-mailing werkgevers en deelnemers met e-mailadres.
De mogelijkheid voor het maken van een videogesprek staat openbaar op de contactpagina van de website. We nodigen de deelnemers ook gericht uit om hiervan gebruik te maken.
Doelgroep: actieve deelnemers met e-mailadres 55+.
Veel werkgevers, pensioenaanbieders en pensioenadviseurs nemen deel om Nederlanders in beweging te krijgen voor hun pensioen. De thematiek van 2022 was net als in 2021: ‘Heb jij later goed geregeld? Check het nu!’. Doelgroep: alle actieve deelnemers die digitaal bereikbaar zijn en signaal deelname aan werkgevers.
Deelnemers zonder e-mailadres ontvangen een kaart met activatie om hun e-mailadres te registreren en hun communicatie-voorkeur op digitaal te zetten in hun portaal. Doelgroep: alle deelnemers zonder e-mailadres m.u.v. deelnemers 80+ en gewezen deelnemers met kleine pensioenen onder de afkoopsom.
Met deze campagne helpen we de werkgever en zijn werknemers op weg met het nadenken over met pensioen gaan, door met elkaar in gesprek te gaan. Doelgroep: werkgevers met werknemers in dienst die maximaal 5 jaar voor pensioendatum zitten.
Naast bovenstaande specifieke campagnes zetten we ook (nieuws)brieven in waarin we meer inzoomen op actualiteit of persoonlijk relevante ontwikkelingen zoals wijzigingen in de regeling, status nieuw pensioenstelsel, verhogen van de pensioenen etc.
Panels
- Werkgevers
- Deelnemers
We hebben in 2022, net als in 2021, twee digitale panelbijeenkomsten georganiseerd. Doel is om in gesprek te gaan met de werkgevers zodat we weten wat er leeft en hoe wij de werkgevers kunnen ondersteunen. In de tweede sessie stond ook de kennismaking met de relatiemanager op de agenda.
In 2022 lukte het niet om een panelbijeenkomst op locatie te organiseren. Daarom hebben we in het najaar een digitale panelbijeenkomst georganiseerd. Deze was succesvol en wordt in 2023 weer georganiseerd. Het doel is om met elkaar in gesprek te gaan over effectieve communicatie: welke ideeën hebben deelnemers hierover en wat kunnen we nog verbeteren. Doelgroep uitnodiging: actieven en pensioengerechtigden die digitaal bereikbaar zijn.
Relatiemanager
We hebben in 2022 de relatiemanager geïntroduceerd om de binding van het pensioenfonds met de sector en de werkgevers te vergroten. Insteek is om de werkgevers extra aandacht te geven, niet om afwijkende processen op werkgeversniveau af te spreken. De belangrijkste taak voor 2022 was: relatie opbouwen met de top 12 werkgevers.
LinkedIn
Eind 2022 zijn we gestart met de voorbereidingen van de implementatie van de bedrijfspagina Pensioenfonds Particuliere Beveiliging op LinkedIn. Met de inzet van LinkedIn willen we de zichtbaarheid van ons pensioenfonds vergroten en de relatie versterken met de werkgevers.
Doelgroep: werkgevers (direct), deelnemers (indirect), andere stakeholders zoals andere pensioenfondsen (indirect).
Uitbesteding pensioencommunicatie
Wij hebben de uitvoering van de pensioencommunicatie uitbesteed aan TKP.
Het communicatiebeleid wordt bepaald in de Portefeuille Pensioenzaken & Communicatie, die ook de uitvoering toetst en goedkeurt. Het bestuursbureau heeft een controlerende rol.
3.6 Goed Pensioenfondsbestuur en Code Pensioenfondsen
In 2022 heeft het bestuur zich met inachtneming van het onderstaande aan de Code Pensioenfondsen 2018 gehouden. Over deze code dient in het bestuursverslag van 2022 gerapporteerd te worden. Het bestuur heeft geconstateerd dat norm 33 “In zowel het bestuur als in het VO of het BO is er ten minste één vrouw en één man” niet geheel wordt nageleefd. Uitsluitend in het bestuur zitten zowel mensen van boven als van onder de 40 jaar, zoals toegelicht in pararaaf 3.1.2 van het bestuursverslag. In het bestuur zitten twee vrouwen. Een vrouw is van niet-Nederlandse afkomst. In het VO zit geen vrouw. Er zitten in het verantwoordingsorgaan geen mensen onder de 40 jaar. Het bestuur is van mening dat het bewustzijn inzake diversiteit binnen het bestuur in voldoende mate aanwezig is. Daarnaast wil het bestuur diversiteit binnen de fondsorganen bevorderen. Bij een vacature wordt bij de voordragende en verkiesbare partij het belang van diversiteit onder de aandacht gebracht. De vereiste kwaliteit is een randvoorwaarde die niet opzijgezet wordt vanwege diversiteit.
Ondanks het pas-toe-of-leg-uit karakter van de Code Pensioenfondsen zijn er bepalingen die altijd een toelichting veronderstellen. Deze normen worden hieronder genoemd, met een verwijzing naar de toelichting in het jaarverslag.
| Rapportagenorm | Voldoet het pensioenfonds aan de norm? | Vindplaats toelichting jaarverslag of website |
|---|---|---|
| Norm 5 | ||
| Het bestuur legt verantwoording af over het beleid dat het voert, de gerealiseerde uitkomsten van dit beleid en de beleidskeuzes die het eventueel voor de toekomst maakt. Het bestuur weegt daarbij de verschillende belangen af van de groepen die bij het pensioenfonds betrokken zijn. Ook geeft het bestuur inzicht in de risico’s van de belanghebbenden op korte en lange termijn, gerelateerd aan het overeengekomen ambitieniveau. |
Ja | Het bestuur beschrijft in het bestuursverslag bij de betreffende beleidsonderwerpen het beleid dat het in 2022 voerde, de gerealiseerde uitkomsten van dat beleid en de beleidskeuzes die het bestuur maakte. |
| Norm 31 | ||
| De samenstelling van pensioenfondsorganen is wat betreft geschiktheid, complementariteit, diversiteit, afspiegeling van belanghebbenden en continuïteit, vastgelegd in beleid. Zowel bij de aanvang van een termijn, als ook tussentijds bij de zelfevaluatie vindt een check plaats. |
Ja | Het bestuur rapporteert in het bestuursverslag over de samenstelling van pensioenfondsorganen en de geschiktheid van de leden en over diversiteit. |
| Norm 33 | ||
| In zowel het bestuur als in het verantwoordingsorgaan of het BO is er tenminste één vrouw en één man. Er zitten zowel mensen van boven als van onder de 40 jaar in. Het bestuur stelt een stappenplan op om diversiteit in het bestuur te bevorderen. |
Nee | In het bestuursverslag rapporteert het bestuur over de diverse samenstelling van pensioenfondsorganen, de doelen ten aanzien van diversiteit en de stappen voor het bevorderen van diversiteit. |
| Norm 47 | ||
| Het intern toezicht betrekt deze Code bij de uitoefening van zijn taak. | Ja | De niet uitvoerende bestuursleden betrekken de Code bij de uitoefening van hun taak en rapporteren hierover in hun rapportage. |
| Norm 58 | ||
| Het bestuur geeft publiekelijk inzicht in missie, visie en strategie. |
Ja | In het bestuursverslag beschrijft het bestuur de missie, visie en strategie van het pensioenfonds. |
| Norm 62 | ||
| Het bestuur legt zijn overwegingen omtrent verantwoord beleggen vast en zorgt ervoor dat deze beschikbaar zijn voor belanghebbenden. |
Ja | Het bestuur licht in hoofdstuk ‘beleggingen’ de overwegingen toe om maatschappelijk verantwoord te beleggen. |
| Norm 64 | ||
| Het bestuur rapporteert in het jaarverslag over de naleving van de interne gedragscode (zoals bedoeld in de normen 15 en 16) en deze Code, net als over de evaluatie van het functioneren van het bestuur. |
Ja | In het bestuursverslag rapporteert het bestuur over de naleving van de integriteitregeling en over de evaluatie van het functioneren van het bestuur. |
| Norm 65 | ||
| Het bestuur zorgt voor een adequate klachten- en geschillenprocedure die voor belanghebbenden eenvoudig toegankelijk is. In het jaarverslag rapporteert het bestuur over de afhandeling van klachten en de veranderingen in regelingen of processen die daaruit voortvloeien. |
Ja | In het bestuursverslag wordt gerapporteerd over de behandeling van klachten en geschillen. |
3.7 Gedragscode en nevenfuncties
3.7.1 Compliance officer
Het pensioenfonds heeft met ingang van 2022 mr. H. Pullen van maatschap Trivu als compliance officer aangesteld. Het bestuur heeft in de bestuursvergaderingen van de rapportages van de compliance officer kennisgenomen. Met de compliance officer vindt tevens op kwartaalbasis afstemming plaats via het Vervullersoverleg.
3.7.2 Naleving gedragscode
De compliance officer organiseert tweejaarlijks een uitvraag inzake de naleving van de Gedragscode van Pensioenfonds Particuliere Beveiliging. De compliance officer heeft over het jaar 2022 de bevindingen inzake de beoordeling van de naleving van de gedragsregels door de Verbonden Personen aan het bestuur gerapporteerd. Verbonden personen zijn:
- leden van het bestuur;
- leden van het verantwoordingsorgaan en de auditcommissie;
- de externe leden van Portefeuille-overleggen en de externe beleggingsadviseur, alsmede leden van overige organen en externe adviseurs die niet onder het voorgaande vallen;
- bestuursondersteuner(s);
- sleutelfunctiehouders en sleutelfunctievervullers.
Het bestuur kan andere (groepen van) personen als verbonden persoon aanwijzen. Medewerkers van uitbestedingspartners zijn geen verbonden personen, tenzij deze op basis van bovengenoemde leden 3 en 4 van dit artikel wel als zodanig door het bestuur zijn aangewezen.
In paragraaf 8.1 is het verslag naar aanleiding van de rapportages van de compliance officer opgenomen.
3.7.3 Nevenfuncties
Jaarlijks worden de hoofd- en nevenfuncties van alle Verbonden Personen in kaart gebracht. Nieuwe nevenfuncties moeten door betrokkenen worden gemeld. Bij het aangaan van contracten met derden wordt in kaart gebracht welke mogelijke tegenstrijdige belangen gepaard kunnen gaan met de opgegeven hoofd- en nevenfuncties. Op grond van de Gedragscode is het aanvaarden van alle nevenfuncties onderworpen aan de goedkeuring van het bestuur en dient dit gemeld te worden aan de compliance officer.
In bijlage 12.3 is een overzicht van de nevenfuncties van de bestuursleden opgenomen.
3.8 Gedragslijn Verwerking Persoonsgegevens Pensioenfondsen
De Gedragslijn Verwerking Persoonsgegevens Pensioenfondsen is opgesteld door de Pensioenfederatie (hierna: de Gedragslijn) en heeft een dwingend karakter voor de pensioenfondsen welke als lid zijn aangesloten bij de Pensioenfederatie. Met deze gedragslijn laten pensioenfondsen zien op welke manier zij gegevens van (gewezen) deelnemers, pensioengerechtigden of andere aanspraakgerechtigden beheren. De pensioenfondsen rapporteren voor het eerst per 1 januari 2020 over de naleving van de gedragslijn. Als lid van de Pensioenfederatie legt pensioenfonds Particuliere Beveiliging middels dit jaarverslag verantwoording af over de toepassing van de normen uit de gedragslijn gedurende geheel 2021. Voor zover er mogelijk normen niet (volledig) zijn toegepast wordt dit gemotiveerd toegelicht. De toepassing van de Gedragslijn is vastgelegd in alle privacy documenten. Naleving hiervan is in de (uitbestedings)processen geborgd. De Functionaris Gegevensbescherming van het pensioenfonds ziet hier ook actief op toe.
Daarnaast heeft bij alle kritische uitbestedingspartijen van pensioenfonds Particuliere Beveiliging de uitvraag plaatsgevonden naar de naleving van de Gedragslijn. Hierbij is ook gekeken naar de beschikbare assurance rapportages en is gebruik gemaakt van uitvragen en overleggen met de uitbestedingspartijen van het pensioenfonds die tevens als verwerker zijn geclassificeerd. De uitbestedingspartijen hebben verklaard de normen van de Gedragslijn na te leven, aanvullend op de geldende AVG-normen. Een uitbestedingspartij heeft verklaard een eigen beleid te hanteren dat minimaal ‘gelijkwaardig’ is aan de Gedragslijn. Op basis van deze uitkomsten is vastgesteld dat aan de normen van de Gedragslijn is voldaan. Pensioenfonds Particuliere Beveiliging verklaart zich in 2022 aan de Gedragslijn Verwerking Persoonsgegevens door pensioenfondsen te hebben gehouden.
3.9 Geschillencommissie
In 2022 heeft het pensioenfonds niet te maken gehad met geschillen. In de 2022 heeft de Pensioenfederatie de gedragslijn “Goed omgaan met klachten” opgesteld. Bij de Pensioenfederatie aangesloten pensioenfondsen dienen per 1 januari 2024 te voldoen aan deze gedragslijn. In het najaar van 2022 heeft de Pensioenfederatie een nul-meting uitgevoerd. Het pensioenfonds scoorde een kleine voldoende. In 2023 zal het pensioenfonds de huidige klachtenregeling en geschillenregeling wijzigen door een nieuwe klachtenregeling die voldoet aan de gedragslijn
3.10 Statuten
De statuten van het pensioenfonds zijn op 20 juni 2022 gewijzigd. De statuten zijn aangepast aan de voorgestelde wijziging van de verplichtstelling. Tevens is een passage aangepast dat de eerste zittingstermijn maximaal vier jaar kan duren. Zodat bij een tussentijdse vacature het nieuwe bestuurslid niet gebonden is aan de resterende termijn van het vertrokken bestuurslid.